Schaam je niet voor het evangelie!

Thema: Schaam je niet voor het evangelie!
Tekst: Romeinen 1: 16-17
Tekstgedeelte(n): Romeinen 1: 1-17
Door: Ds. P.P.H. Waterval (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Krimpen aan den IJssel)
Gehouden te: Krimpen aan den IJssel op 16 juni 2002

Aanwijzingen voor de Liturgie

Votum en zegengroet
Ps. 71: 1-3
Wet
Ps. 119: 15, 18
Lezen: Romeinen 1: 1-17
Ps. 89: 7
Tekst: Romeinen 1: 16-17
Preek
Gez. 17
Lied 473: 1-2, 9-10
Zegen

'... Belachelijk, hoe kun je nou politiek bedrijven met normen en waarden uit het jaar nul!'
'... Als het om godsdienst gaat, hou ik het lekker safe. Mijn moeder zei altijd, ieder geloof maakt zalig.'
'... Je weet toch wel dat christenen niet te vertrouwen zijn. Heb je je vingers al nageteld?'

Zomaar wat opmerkingen die je kunt horen in sportkantines of op elk willekeurig terrasje. Waar jij bij bent. En de vraag is dan: wat doe je? Zeg je er iets van? En zo ja, wat? Of duik je onder, misschien opnieuw, misschien voor de 36e keer. En lig je 's avonds in bed weer van jezelf te balen. Want je hebt je weer geschaamd voor je geloof. Je durfde er wéér niet voor uit te komen.

Gemeente van de Here Jezus Christus, broeders en zusters, jongens en meisjes,

Je schamen omdat je je mond niet open hebt gedaan voor de Here Jezus - toen het eigenlijk wel had gemoeten. Ik denk dat je dat allemaal wel eens hebt. Ik tenminste wel. En dat doet pijn. Maar je achteraf schamen is in ieder geval wel gezond, want dan werkt je geweten tenminste nog. En dan kan het met Gods genadige hulp de volgende keer toch best weer goed gaan. Veel erger is het als je je op het moment zelf schaamt, als je een schot voor open doel krijgt en je trapt niet eens tegen de bal. Omdat je denkt: Ach, ik kan toch met Jezus en het evangelie niet meer aankomen, bij deze mensen, in deze moderne tijd.
Dan is het goed om nog eens wakker te schrikken van die waarschuwing van de Here Jezus in Marcus 8, waar Hij al het ware zegt: speel jij liever stommetje als het over mij gaat? Jammer, maar dan zal ik het straks ook doen, als het over jou gaat. Om dat te voorkomen - want dat zou echt verschrikkelijk zijn - is het goed dat we ons afvragen hoe je die schaamte bij het evangeliseren kunt overwinnen. En dat kan eigenlijk alleen als je weet hoe kostbaar en uniek de boodschap van het evangelie is, hoe groot dat nieuws is, dat ook jij iedere keer mag brengen. Om daarvan doordrongen te raken is het goed om te luisteren naar de apostel Paulus. Dat gaan we dan ook doen vandaag.

Het thema van de preek is:

Schaam je niet voor het evangelie!

  1. Want daarmee redt God iedereen die gelooft
  2. door zijn rechtvaardigheid te schenken

Schaam je niet voor het evangelie!

1. Want daarmee redt God iedereen die gelooft

Nadat Paulus zichzelf en het evangelie heeft voorgesteld, de lezers in Rome begroet heeft en zijn houding ten opzichte van hen heeft duidelijk gemaakt, komt hij in vers 16 en 17 bij het centrale thema van zijn brief, de reddende kracht van het evangelie voor ieder die gelooft. Eigenlijk is de rest van de brief een verdere uitwerking van dit thema.
In het begin van vers 16 is Paulus eigenlijk nog steeds een beetje bezig zich te verantwoorden voor het feit dat hij nog niet eerder in Rome langs is gekomen. Hij zegt daar eigenlijk: jullie moeten niet denken dat ik nog niet ben gekomen omdat ik me voor het evangelie schaam. Paulus heeft niets om zich voor te schamen. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat hij altijd en overal even sterk en zelfverzekerd optrad. Paulus was geen macho-apostel. Hij weet heel goed wat knikkende knieën zijn. In 1 Korintiërs 2: 3 is hij daarover heel open, naar de Korintiërs: Ik kwam tot u in zwakheid, met veel vrezen en beven. Voordat hij naar hen toeging, zal Paulus ook vast wel eens hebben gedacht: "Hoe zullen ze reageren daar in Korinte, wat zullen ze van me vinden, want een flitsende spreker ben ik niet en hoe zullen ze reageren op mijn boodschap?" Dat soort gevoelens kende Paulus echt wel. Ook niet raar toch als je beseft wat er voor die tijd allemaal al met hem gebeurd was. Gegeseld en gevangen genomen in Filippi, uit Tessalonica weggejaagd, Berea uitgesmokkeld, uitgelachen in Athene. Paulus wist hoe de mensen konden reageren, dat het evangelie er niet bij iedereen als zoete koek in ging. Dat het voor menigeen zelfs een onverteerbare boodschap was, achterlijk volgens de Grieken en ergerlijk voor de Joden. Maar Paulus wat ook wist, was dit: dat het evangelie een kracht van God is, die iedereen redt die gelooft. En daarom durfde hij er toch overal en ieder keer weer met dat evangelie aan te komen.
Omdat hij wist dat hij met het evangelie levens mocht redden. Paulus was een reddingswerker. En reddingswerkers durven de hoge golven in of de hete vlammen door om als het moet die éne te bereiken die gered moet worden. En misschien zijn de beste reddingswerkers zij die zelf ooit gered zijn. Die weten namelijk hoe belangrijk dat werk is, want ze hebben er hun eigen leven aan te danken. Zo is het met Paulus. Hij weet dat hij zelf ternauwernood aan de vlammen van de hel ontsnapt is, door Gods ingrijpen.
God greep in. In zijn leven en dat van de mensen om hem heen. En daarom schaamt Paulus zich ook niet voor het evangelie. Want hij weet dat er mensenlevens op het spel staan. Misschien zijn we dat met zijn allen teveel vergeten. Het evangelie is geen drug waarmee je deze dag weer doorkomt. Het is ook geen kruk voor zielige mensen die door dit leven strompelen en houvast nodig hebben. En daarom is het ook geen boodschap waar je anderen mee lastig valt. Het evangelie is heel wat anders. Het is allereerst een reddingsboei. Besef je dat wel? Dat de keuze voor of tegen God een kwestie is van leven of dood? Of nog anders gezegd: besef je dat als je met ongelovigen omgaat, je je tussen doden begeeft? Want ongelovigen zijn mensen die dood zijn voor God en zijn koninkrijk en die opgewekt moeten worden, tot een nieuw, eeuwig leven. Of nog ander gezegd, besef je dat als je met ongelovigen omgaat, je je tussen gevangenen begeeft? Want ongelovigen zijn mensen die gevangen zitten in de macht van de duivel.
Als je dat beseft en de kritieke situatie van de ander laat je niet koud en je zou daar wat aan willen doen, dan weet je ook dat er iets heel bijzonders voor nodig is om de ander te kunnen helpen. Iets wat jij niet in huis hebt. Daar is een macht voor nodig die nergens op aarde te vinden is. En die macht is het evangelie van Jezus Christus. Paulus zegt: het evangelie is een kracht van God. Dunamis theou staat er in het Grieks. Het evangelie is dynamiet. Gods dynamiet. Onze God beschikt over krachten die wij niet kunnen peilen. De niets ontziende megakracht die vulkanen laat uitbarsten en orkanen laat razen, maar ook de subtiele microkracht die een zaadcel bij een eicel brengt. Zijn kracht verrast ons! Een verschrompelde rechterhand wordt weer als nieuw en een stinkend lijk verandert in een springlevend lichaam. Gods scheppingskracht. Diezelfde krachten schuilen in het evangelie. Daarmee redt en bevrijdt onze God en maakt Hij alle dingen weer nieuw. Het leven van Paulus. Jouw leven, mijn leven en het leven van die ongelovige medemens die nog bereikt moet worden.
Paulus kon van die levensvernieuwende kracht getuigen. En dat deed hij ook. Let er maar eens op: in zijn brieven gaat het regelmatig over wat de Here in zijn leven doet. Getuig jij er ook van? Als mensen aan jou vragen: ervaar je het evangelie ook als een kracht van God in je leven? Kun je dan zeggen: "Ja, zo ervaar ik het in mijn eigen leven. Want God is geen leugenaar. Hij doet echt wat Hij zegt. En daarom heb ik echt vrede met God, Jezus Christus heeft mijn schuld betaald en mij gered van de toorn van God die ik verdiend had, nu ken ik de vrijheid van een goed geweten, Hij geeft me door zijn Geest ook de kracht om tegen mijn egoïsme te vechten, ik ben zo blij als een kind want ik heb in hem een perfecte Vader, en ik ben opgenomen in zijn wereldwijde gezin, dat samen met hem naar een toekomst gaat waar niets meer stuk kan en waar het zo mooi is dat het met geen pen te beschrijven is. Of ik dan helemaal geen tegenslag ken? Natuurlijk, maar ik vertrouw erop dat Hij bij me is en dat ik veilig ben in zijn hand. En in mijn beste momenten voel ik dat ook."
Zo'n persoonlijk getuigenis hoort bij het presenteren van het evangelie. Dat heeft niets te maken met ervaring belangrijker vinden dan geloof. Want ervaring hoort bij geloof. Paulus zegt: het is een kracht van God tot behoud voor een ieder die gelooft. Dan zou het toch wel gek zijn als je van die reddingskracht niets zou merken. Ieder die God gelooft op zijn Woord, die zal merken dat het evangelie een bevrijdende kracht is. Ervaring volgt op geloof. Wie op God vertrouwt, zal proeven hoe goed Hij is. Natuurlijk: wie alleen op ervaring uit is, is gevaarlijk bezig. Ervaring die niet voortkomt uit het leven met God en niet overeenkomt met zijn Woord, is drijfzand. Het is nergens op gebaseerd behalve een allerindividueelst gevoel. Maar het Woord en het geloof kan niet zonder ervaring. Als je denkt dat je christen bent, maar tegelijk nooit iets ervaart van God en van zijn werk in jou en in deze wereld, dan klopt er iets niet. Dan kun je ook nooit op een overtuigende manier evangeliseren. Dan is het zelfs de vraag of je wel een wedergeboren christen bent, zoals God het bedoelt. Maar als God je aanraakt met de kus van de wedergeboorte, dan laat je dat nooit koud. Dat bestaat niet. En daarom is het dus ook terecht dat mensen van jou willen horen: werkt het nou ook? Dat is echt niet alleen iets van nu, maar ook van vroeger. Let maar eens op hoe vaak de vraag in de Heidelbergse Catechismus gesteld wordt: Wat heb je eraan dat je dit gelooft? Als het Woord iets waard is, zal het zich ook bewijzen. Aan alleen maar theoretische verhalen heeft niemand behoefte. De apostel Petrus zegt: "Wees bereid rekeningschap te geven van de hoop die in je is." Dat houdt meer in dan folders uitdelen, en ook meer dan alleen maar de bijbelcursus doorlopen met iemand waarbij je je alleen maar aan de stof houdt en niets vertelt over wat Gods kracht in jouw leven doet. Want voor het ervaren van die levensreddende en levensveranderende kracht hoef je je toch nooit te schamen?
Met dit alles zeg ik niet dat evangeliseren gemakkelijk is. Natuurlijk niet. Ieder die het nieuws over Jezus Christus eerlijk brengt, zal moeten wennen aan glazige ogen, gegrinnik, meewarige en zelfs agressieve opmerkingen. Dat hoort bij kruisdragen, achter Jezus aan. Maar ook al is het niet altijd gemakkelijk, God zorgt ervoor dat degenen die Hij heeft uitgekozen voor het eeuwige leven, wakker worden en gaan geloven. Wie dat zijn weten we niet, maar ze zijn er. Paulus wist dat ook niet. In 1 Korintiërs 9 zegt hij: ik ben voor de zwakken zwak geworden, om de zwakken te winnen; voor allen ben ik alles geweest, om in elk geval enigen te redden. Enigen. En juist omdat we niet weten wie die enigen zijn, moeten we maar gewoon zaaien, gewoon het evangelie doorgeven als een levend getuige. En dan zal God het wel gebruiken als een kracht tot behoud.
Er is nog een reden waarom je je nooit hoeft te schamen voor het evangelie. En dat is misschien nog wel de belangrijkste reden. Omdat het het evangelie van Jezus Christus is. Het evangelie gaat over hem, is vol van hem. Vanwege hem juist is het goed nieuws. Jezus Christus, de meest gave mens die ooit op aarde heeft rondgelopen, die gekomen is om te redden en bevrijden en daarvoor alle macht in hemel en op aarde heeft. Vertrouw erop dat de Here Jezus met je meegaat als je evangeliseert. Dat Hij erbij is. En vertel dan over hem, als de levende. Stel hem voor aan de mensen, in al zijn rechtvaardigheid en in al zijn liefde. Alsof Hij naast je staat. Vergeet niet: Hij woont in je hart. Zou je je voor hem ooit hoeven te schamen? Nee toch.

Schaam je niet voor het evangelie! Want daarmee redt God iedereen die gelooft

2. door zijn rechtvaardigheid te schenken

Waarom is het evangelie nou zo'n kracht tot behoud? Op die vraag geeft Paulus antwoord in vers 17. Omdat in dat evangelie gerechtigheid van God wordt geopenbaard uit geloof tot geloof, zoals geschreven staat: De rechtvaardige zal uit geloof leven. Dit vers spreekt niet zomaar voor zich. Het is best moeilijk. Want een voor de hand liggende vraag is: Hoezo? Wat heeft Gods gerechtigheid nou te maken met behoud? Wanneer je dit niet onmiddellijk ziet, ben je in goed gezelschap. Want Maarten Luther zag het ook niet. Tenminste eerst niet. Luther kende de gerechtigheid of de rechtvaardigheid van God alleen maar als Gods heilige eigenschap die Hij ook eist van de mens, maar waar die mens door de zondeval niet meer aan kan voldoen en dus om gestraft zal worden. En daar ging Luther kapot aan, want ook al pijnigde hij zichzelf met een zweep, de zonde was niet uit zijn lichaam weg te slaan. Daarom was het de gelukkigste dag in zijn leven toen hij door intense studie van de bijbel en door de verlichting van de Heilige Geest opeens zag dat God zijn rechtvaardigheid niet voor zichzelf houdt, maar dat Hij ons daarmee bekleedt als wij geloven in het plaatsvervangend offer van de Here Jezus. Oh zo, dus Gods rechtvaardigheid is niet alleen een eis, maar ook een geschenk! Juist! Toen Luther dat zag, zwaaiden voor hem de poorten van het paradijs open en wist hij zich gered.
Deze Luther-ervaring is klassiek geworden. Vele mensen na hem hebben diezelfde bevrijding ervaren toen ze gingen inzien wat in deze verzen staat. Daaronder zijn beroemde namen uit de kerkgeschiedenis. Ik denk aan John Wesley en Karl Barth. En het mag voor ons allemaal bevrijdend zijn als we goed begrijpen wat hier in vers 17 staat. Gerechtigheid Gods wordt daarin geopenbaard. Dat betekent: In het evangelie wordt Gods rechtvaardigheid geopenbaard, bekend gemaakt. Hoe? Doordat God op een rechtvaardige manier het initiatief neemt om onrechtvaardige zondaars in de juiste verhouding met hem te brengen. Namelijk door het offer van zijn Zoon, de rechtvaardige, waarmee voldaan werd aan de rechtvaardige eis tot betaling van de schuld. En dat offer ons aan te bieden. Zo schenkt God zijn rechtvaardigheid en die van zijn Zoon aan ons. Gods rechtvaardigheid wordt onze rechtvaardigheid. En wel: uit geloof tot geloof. Dat is een typisch Hebreeuwse manier om te zeggen: helemaal door geloof, van begin tot eind. In wat God doet voor ons, zit helemaal niets van ons. Het enige wat wij kunnen doen om die rechtvaardigheid van God te krijgen, is onze hand op te houden bij hem. Dat is geloof.
En dat je dat ook alleen door het geloof krijgt, verduidelijkt Paulus met een citaat. Om te laten zien dat geloof ook vroeger al, in de dagen van Habakuk onmisbaar was. Habakuk was profeet in het koninkrijk van Juda tijdens Jojakim (zo rond 600 v. Chr.). Habakuk ziet de legers van de Babyloniërs oprukken tegen Jeruzalem, om Jojakim en alle onrecht en corruptie af te straffen. En daarover verbaast Habakuk zich. Want hij vraagt de Here: laat u de Babyloniërs hier zomaar binnen lopen en dan weer ontsnappen? Zij zijn nog tien keer goddelozer dan wij! En dan antwoordt de Here, rechtvaardig als Hij is, dat alle zondaren gestraft worden, inclusief de Babyloniërs, maar dat de rechtvaardige zal leven door geloof, door nederig vertrouwen, door te rekenen op Gods trouw. Ook dan en juist dan als alles tegen lijkt te zitten, als Gods nabijheid niet onmiddellijk zichtbaar is in de dingen die om je heen gebeuren.
600 voor Christus. Een supermachtig en gevreesd leger komt aanstormen vanuit het oosten. En de gelovige Israëliet vraagt zich af: overleef ik dat?
2017 na Christus. Gods toorn openbaart zich van de hemel in onrecht, in egoïsme, in rampen en ziekten en dreigt mij te verpletteren als ik sterf en straks voor Hem sta in al mijn naakte zondigheid. En de christen vraagt zich af: overleef ik dat? En God zegt tegen beide rechtvaardigen, toen en nu: geloof en je zult leven. In stil vertrouwen ligt je kracht. Ik verlaat je niet. Verwacht het niet van jezelf. Verwacht het helemaal van mij en van wat ik door mijn Zoon voor jou heb gedaan.
Met het citaat uit Habakuk doet Paulus een gouden greep. Want het maakt duidelijk dat de onrechtvaardige zondaar het zonder geloof niet zal overleven, maar dat de gerechtvaardige zondaar met geloof eeuwig zal leven.
Is dat een boodschap waarmee je voorzichtig moet zijn? Kun je daarmee aankomen in de sportkantine, op de soos en op het terrasje? Absoluut! Schaam je niet voor het evangelie, net zomin als Paulus. Geef het door en ontdek het: dat het een kracht van God is tot behoud voor ieder die gelooft.

Amen.

Gebed

Onze Vader in de hemel. Wilt u ons helpen om ieder keer weer te beseffen wat voor een dynamiet u ons in handen geeft als we uw evangelie doorgeven. De boodschap van Uw liefde in Jezus Christus is krachtig genoeg om levens te veranderen, om haat om te keren in liefde en verzet tegen U in geloof en gehoorzaamheid. Geef dat we die kracht ook zelf mogen ervaren in ons leven en ook daarvan willen getuigen naar anderen die u nog niet kennen. Geef ons daartoe alle vrijmoedigheid in het besef dat er mensenlevens op het spel staan. U wil doden tot leven wekken door Uw Woord. Geef dat we dat geweldige nieuws willen doorgeven en ons daar nooit voor zullen schamen. Opdat ook U, Here Jezus, op de jongste dag bij de Vader voor ons zult opkomen. En geef dat door ons getuigenis in uitverkoren kinderen van U die u nu nog niet kennen het Woord dat gezaaid wordt mag opschieten tot geloof en bekering. Geef in al uw gemeenten het besef dat uw Woord niet binnen de kerkmuren en de muren van ons hart mag worden opgesloten maar naar buiten moet, tot eer van u en het behoud van mensen.

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar