Vreugde en smart (Deel 1: Wees, samen met je Schepper, jong!)

Thema: Geniet van het leven zolang het kan, want God is je Schepper
Tekst: Prediker 11: 7-10
Tekstgedeelte(n): Prediker 11: 7-12: 14
Door: Ds. J.W. Roosenbrand (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Groningen-Oost)
Gehouden te: Groningen-Oost op 12 juli 1998
Opmerking RJCV:

De delen van de prekenserie Vreugde en smart zijn als tweeluik bedoeld:
Deel 1: Wees, samen met je Schepper, jong!
Deel 2: Word, samen met je Schepper, oud

Extra: Samenvatting van de preek

Aanwijzingen voor de Liturgie

  1. Votum en zegengroet
  2. Ps. 19: 1, 4
  3. Gebed 1
  4. Lezen: Prediker 11: 7-12: 14
  5. Ps. 111: 1, 5-6
  6. Tekst: Prediker 11: 7-10
  7. Preek
  8. Gez. 35
  9. Geloofsbelijdenis: Apostolische Geloofsbelijdenis
  10. Ps. 98: 3-4
  11. Gebed 2
  12. Collecte
  13. Ps. 148: 1, 4
  14. Zegen

Geniet van je jeugd. Je bent maar een keer jong. Voor je het weet ben je oud en aan van alles gebonden, zorg ervoor dat je geniet van je jonge jaren, haal eruit wat erin zit. Wees blij dat je van God het leven hebt gekregen, en maak er dus wat van. Ga lekker op vakantie als je de mogelijkheid hebt, maak van je weekend een feest, geniet van de zon, geniet van de meisjes, van de jongens. Geniet van je gezondheid.

Wat is dit? Is dit een bijbelse boodschap? Is dit niet een erg oppervlakkig verhaal?
Nee, dit is niet het evangelie, de kern van het evangelie is wat anders, de kern is dat God ons gemaakt heeft, dat wij weggelopen kinderen zijn, dat Christus ons weer bij God terug brengt en dat de Heilige Geest ons met God verbonden door het leven leidt naar het eeuwige leven met elkaar en met God. Dat is het evangelie.

Maar een onderdeel daarvan is dan toch echt wat ik daarnet zei: daar neem ik niets van terug. Dit is de wijsheid die de Prediker bij wijze van samenvatting nog eens doorgeeft aan het eind van zijn boekje, speciaal voor jongeren, voor mensen aan het begin van het leven. Natuurlijk, lees dat ook in het grote verband van de bijbel, in de grote verhaal dat de Here God schrijft in ons leven: Hij is aan het begin, Hij wil erbij zijn, Hij brengt ons veilig aan de overkant, maar in dat grote verhaal horen ook de bladzijden uit je jonge jaren, en laat die bladzijden gevuld worden met plezier, met genieten.

Deze keer wil ik vooral dit aspect naar voren halen. In volgende deel ga ik verder met wat de Prediker voor de ouderen onder ons aan wijsheid doorgeeft, over de aftakeling van het leven, over het minder worden, de afname van je mogelijkheden.
Maar het heeft wel heel veel met elkaar te maken, want de jeugd wordt juist opgewekt om van hun leven te genieten omdat ze eenmaal oud zullen zijn en omdat er dan veel dingen gewoon niet leuk meer zijn. Ik hoop dat ook ouderen goed naar de preek kunnen luisteren, misschien juist wel om uit de bijbelse wijsheid te leren dat het niet goed is om alleen maar waarschuwend en vol kritiek naar jongeren te kijken en voortdurend je hart vast te houden. Om het jonge mensen te gunnen, van harte te gunnen dat ze genieten van wat er te genieten valt. En om ondertussen ook zelf, voorzover u nog jong van hart bent, ook van harte te genieten van de dingen die God u nog wel te genieten geeft. De zon schijnt (soms) voor jong en oud.

Ik zou u dus allemaal dit mee willen geven voor vandaag:

Wees, samen met je Schepper, jong!

(en volgende keer: 'Word, samen met je Schepper, oud').

Gedeelde vreugd is dubbele vreugd. Gedeelde smart is halve smart.

Zo zou je de preken ook samen kunnen vatten:
deel je vreugde, je jeugd, je plezier met je Schepper, dat is echt dubbelop genieten.
En het volgende deel: deel je verdriet met je Schepper, dat is echt gedeelde smart, verminderde smart.

Nee, ik bedoel met de preek vandaag niet dat het leven één groot feest is. Dat is natuurlijk een geweldige leugen. Het leven is niet een groot feest, het leven is vergankelijk. Dat is ook het thema dat Prediker voortdurend aanslaat. IJdelheid der ijdelheden, alles is ijdelheid. In de Groot Nieuws vertaling stat: dat het leven zinloos is. Zo wordt dat ijdelheid vaak opgevat. Maar dat lijkt me niet juist. IJdel betekent eerder 'vluchtig' het is veel te snel voorbij, er gaat van alles verkeerd. Het glipt je tussen de vingers door. Voor je het weet is er weer een week voorbij, en wat heb je nou eigenlijk gedaan? Wat blijft er over van alles wat je met veel inspanning hebt uitgedacht en uitgedokterd? IJdel, het heeft geen vastigheid. De zin van alles ligt niet voor het oprapen. Er zijn zoveel raadsels, zoveel waaroms? Zoveel onrecht, zoveel wat scheef is, en wat geen mens meer recht kan zetten.
Dat is nog niet hetzelfde als zinloos. Dat zou nog verder gaan, dan heeft het echt helemaal geen nut dat je hier op aarde rondloopt. Maar ook al gelooft de Prediker wel dat er een zin is, hij vraagt (net als Marco Borsato) wel naar wat die zin dan is, waar dient het nou eigenlijk voor? Wat levert het op?

Gelukkig heeft de Prediker wel deze zekerheid dat er een God is, al snapt hij soms niets van het beleid van die God, maar gelukkig is die God er wel. Hij omspant alles, we komen bij Hem vandaan en we gaan naar Hem toe. En Hij is erbij. En Hij zal alles recht zetten op zijn tijd.

Je kunt ook in Nieuwe Testament deze diepe overtuiging van de ondoorzichtigheid van het leven tegen komen, in Romeinen 8, alles is aan de vergankelijkheid onderworpen, de schepping zucht, het is vruchteloos. De Geest van God zucht met onze geest: Vader, O Vader alstublieft kom en verander ons en deze wereld, geef vrede Heer, geef Vrede.

Die frustratie, die vruchteloosheid die zit als het ware ingebouwd in de schepping. Nee, dat zeg ik niet goed, het is niet ingebouwd, want in het begin was het allemaal goed, zie het was zeer goed, alles wat God gemaakt had, maar het is binnengedrongen en het heeft zich er in genesteld en het is voorlopig tot aan de komst van Christus onuitroeibaar. Ja, zeker, vanuit het Nieuwe Testament hebben zij wel meer kijk op Christus gekregen, op zijn overwinning, op de Geest die bij ons is in die diepe vertwijfeling, maar wat blijft is diezelfde ijdelheid, de heerschappij van de dood die telkens als spelbreker tussen beiden komt. IJdelheid, dat blijft ook na de opstanding een facet van ons leven.
Maar in dat leven dat ook niets anders is dan een voortdurend sterven, in dat leven geeft God ons van dag tot dag ons deel aan goede en mooie dingen, aan kleine en grote vreugden. Dat is ook een thema in Prediker dat je het goede dat je krijgt niet vanwege alle ellende die er is en die je toch niet veranderen kunt, dat je daarom nog niet de kleine goede dingen maar moet minachten, nee, zijn advies is juist: geniet daarvan, zie daarin ondanks al je vragen, ondanks alle waaroms, ondanks alle ijdelheid en ijdelheden, zie daarin toch maar de goede hand van God die je nog de mogelijkheid geeft om te genieten van het goede, de zon schijnt voor goeden en slechten en God heeft nog geduld met je, en geniet daar nou maar van.
Dat is een opdracht.

Laat je juist ook door de ijdelheid van de dingen niet drijven naar wanhoop of cynisme of depressiviteit. Die aanvechting is reëel ook voor jongeren. Er is veel lijden onder de uitzichtloosheid. Aanvaard Christus als verlosser ook van de ijdelheid van het leven. En van daaruit mag je dan ook gewoon genieten van de mooie dingetjes die er nog zijn. Zie het zonlicht als bewijs dat God deze wereld nog liefheeft en een kans geeft en benut die mogelijkheden.
Verheug je. Zorg goed voor jezelf. Wees vrolijk, volg de lust van je hart, doe waar je zin in hebt. Geniet van je vakantie.
Neem nou de vakantie. We zijn misschien allemaal wel groot geworden met de gedachte dat een vakantie goed is om daarna weer aan het werk te kunnen. Dan staat genieten alleen in dienst van werken. Maar zouden we het niet ook zo mogen zien en beleven dat genieten op zichzelf iets goeds is, als je die vreugde deelt met je Schepper, zou de Schepper ook daarom de zon niet laten schijnen (van tijd tot tijd) om ons niet alleen maar energie te geven om weer aan het werk te gaan, maar ook gewoon om ons ervan te laten genieten. Heerlijk, die warmte, lekker dat gevoel. Nee, het is ook niet andersom, dat je werkt om daarna op vakantie te kunnen gaan, dat kun je met vakantiewerk misschien doen, een paar weken werken om lekker op vakantie te kunnen gaan en je geld weer uit te geven, maar normaal gesproken ontstaat er ook een heel oppervlakkig en onbevredigend leven als je werk en je verantwoordelijkheid die je hebt alleen maar in dienst staat van je plezier. Dat wordt een tamelijk leeg leven, alleen voor de pret. Maar laat het naast elkaar staan, om elkaar te beïnvloeden: je werkt om te eten en te genieten, en je eet en je geniet om te kunnen werken.
Het licht is goed, en fijn om in de zon te liggen. Heerlijk dat groeiende vakantiegevoel. Net zo goed als elke dag een gave van God is.

Juist als je nagaat hoeveel ellende er is, hoeveel en hoe verschrikkelijk de afval van God in het paradijs, hoe diep dat ingevreten is heel het leven, dan is het toch een wonder dat er nog zoveel te genieten valt. Dat is op zichzelf al een wonder. Laat de dagen niet door je vingers glippen door de vanzelfsprekendheid waarmee je leeft. Het is niet normaal dat de zon schijnt, dat er wat te genieten valt.

Vergelijk het maar eens met een fikse kiespijn. Vreselijk, alles doordringend, en als je dan naar de tandarts bent geweest en de kies is getrokken of het ontstoken wortelkanaal is behandeld en de verdoving trekt weg en de pijn keert niet terug, dan is dat alleen al genieten geblazen, dat je een appel kunt eten gewoon zonder je ene kies te ontzien. Als je arm gebroken is geweest en je kunt hem weer gebruiken, wat een feest. Als je depressief bent geweest, en echt heel ver weg zodat je zelfs niet meer wilde leven, zodat je niets meer gaf om wie dan ook, en het komt weer een beetje terug, dan is dat zoiets heerlijks. Dan merk je dat het niet gewoon is om te genieten, om dingen fijn samen te kunnen doen. Dat zijn wonderen, stuk voor stuk.
Daarom zegt Prediker tegen ons, geniet van die gewone dingen, voor je het weet komt de tijd dat je je heup breekt, dat je in een depressie zakt, dat je lichaam niet meer wil.

Juist als je jong bent mag je daar fors en volop van genieten. Voor je het weet is het voorbij. dat is niet bedoeld als een domper op de vreugde, maar juist als stimulans. Het leven is niet één groot feest en daarom: zorg goed voor jezelf, weer de kwalen van je lichaam, zorg dat je aan een sport doet of dat je genoeg beweging krijgt, voor je wegzakt in de kwalen van de ouderdom.
Volg de lust van je hart, dat betekent gewoon: doe waar je zin in hebt. Ja, zorg ervoor dat je tijd hebt ook voor leuke dingen, wat je altijd al graag eens gewild had, een concert, een reis naar het buitenland, een opleiding misschien of een cursus, een vakantiebestemming, een weekend weg.
Maak er wat van. Daar ben je verantwoordelijk voor. Zie iets van de wereld. Geniet.
Dat zegt de bijbel tegen ons.
Daar heeft God je voor gemaakt. Niet alleen daarvoor, maar wel óók daarvoor. Om te genieten, om iets moois op te bouwen. In die dingen is God met je bezig, in die dingen komt God naar je toe. De Schepper, die de wereld maakte, die muziek geeft als gave, die wijn en bier mogelijk maken, die seksualiteit geschapen heeft. Die je vrienden geeft.

"Maar weet dat God je om al deze dingen in het gericht zal doen komen'…

Is dat een domper?
Wist ik het niet! Zal er eens geen addertje onder het gras zitten! Eindelijk eens een preek waarvan je mag genieten, eindelijk eens iets positiefs over de jeugd, iets over het mooie van het leven, en natuurlijk: maar denk eraan: God zal je erom oordelen.
Daar gaan we weer.
Einde verhaal. Er mag dus weer niks.

Nee, wacht even, lees verder, na deze herinnering aan het komende oordeel gaat het gewoon verder: met 'dus' een conclusie uit die vermaning om te bedenken dat het oordeel komt: 'dus': nee niet: dus pas op, dus wees voorzichtig, dus er mag uiteindelijk ook weer niet zo veel.
Nee, 'dus': zorg ervoor dat je gelukkig bent, trek je de dingen niet teveel aan, weer verdriet uit je hart, probeer onbezorgd te zijn, zorg dat je gezond blijft.

Je zou zelfs dat vers 10 anders kunnen vertalen: niet 'maar weet dat God je zal oordelen', maar 'en weet dat God je zal oordelen'. Dat oordeel van God is niet een tegenargument tegen genieten maar juist een aansporing om te genieten. God komt om te oordelen, en dan zal Hij ook vragen: wat heb je met het leven gedaan? Wat heb je met al die kansen gedaan? Ben je wel jong geweest, heb je wel genoten van de zon, ben je wel eens lekker uit je dak gegaan, heb je wel hobby's gehad, of heb je het leven dat Ik in mijn uitbundigheid gegeven heb alleen maar als een last geleefd, als een moeten, moeten, moeten, moeten.

Heb je mijn goedheid wel gezien als je in de zon lag?
Heb je Mij er voor gedankt?
Zie je dat je zo het oordeel van God ook als aansporing mag zien voor een goed leven?
God gaat je niet oordelen of veroordelen om je plezier, maar als Hij al oordeelt en veroordeelt zal dat zijn omdat je nooit plezier hebt willen maken, omdat je zijn gaven niet benut hebt, omdat je aan zijn goedheid voorbij gegaan bent, omdat je misschien ook wel veel plezier hebt gehad maar nooit een gedachte aan God hebt gewijd. Dan ben je ook echt verkeerd bezig. dan pak je wel de cadeaus maar je kijkt de Gever niet aan. Dan verzand je in de mooie dingen terwijl je de Goede Schepper er buiten laat. En dan kom je inderdaad God vanzelf een keer tegen.

Wanneer we het oordeel van God, het besef dat God er altijd bij is, dat Hij altijd meekijkt naar ons leven, wanneer we dat als storend ervaren, een spelbreker, dan is er iets anders mis in ons leven, niet dat we genieten, maar dat we de diepere dimensie er niet van ervaren, dat we op onszelf gaan staan, dat we de Schepper eigenlijk niet vertrouwen, dat we stiekemweg denken: zonder God is het eigenlijk veel leuker, veel spannender, veel echter, veel gaver.

Is dat niet een hele belangrijke trek van zonde: dat we God niet vertrouwen? Dat we denken zonder Hem beter af te zijn, dat we Hem eigenlijk alleen maar een zeurpiet vinden, die het ons lastig maakt, dat we Hem niet kennen als de Grote Schepper, als degene die ons geluk op het oog heeft, die ons blij wil maken, die ons leert hoe je het best met de dingen om kunt gaan in zijn schepping?

Denk nu eens aan je huwelijk. Je geniet van elkaar, je geniet ook lichamelijk van elkaar. Een gave van God. En God zegent dat met een kind, een wonder. Zie je hoe goed God is, hoe je hem vertrouwen kunt? Het leven wordt er door Hem alleen maar mooier van! Laten we ophouden Hem te wantrouwen, ook als het leven moeilijk is, als er tegenslagen komen, als we de ijdelheid van het leven met beiden handen kunnen voelen, als de waaroms zich opstapelen, laten we proberen in elk geval Hem te vertrouwen, Hij is de Schepper, laat Hem erbij zijn. Gedeelde vreugd is dubbele vreugd, gedeelde smart is halve smart.
Een beetje de houding van de oudste zoon uit het verhaal van de verloren zoon: altijd bij zijn vader gebleven, maar in zijn hart baalde hij dat hij nooit een moment had voor zichzelf met zijn vrienden. Nooit hebt u mij gelegenheid gegeven een feestje te houden met mijn vrienden.
En wat zegt die Vader dan: jongen, al het mijne is het jouwe. Wat heb je het nou over dingen voor jezelf en voor je vrienden. Het is allemaal voor jou. Ja, ook van Mij, van ons samen.

Geniet van het leven, en bedenk dat je onderweg bent naar God, die je zal vragen: wat heb je met je leven gedaan? Heb je iets moois gedaan met de mooie dingen? Ben je jong geweest en heb je ervan genoten, in verbondenheid met Mij?
Leef met de HERE erbij in je jonge leven.
Niet alleen als een levensverzekering voor later, als je oud wordt of als je dood gaat dat je in de hemel mag komen, maar omdat het nou al goed is met God te leven, om Hem in alles te kennen, om je vreugde en je plezier te verdubbelen doordat je het deelt met elkaar en ook met God.

Hoe doe je dat?
Door elke dag met Hem te praten, en je leven erin te betrekken. Door Hem te bedanken voor de gave dingen die je meemaakt of waar je zin in hebt. Door ook tussendoor aan hem te denken: God dank U voor zoiets moois. U hebt dit allemaal gemaakt, de bergen in Frankrijk, de spanning bij een goede voetbalwedstrijd, mijn vrienden, mijn lijf. De zon die schijnt, het strand en de meisjes.

Als je zo je God, de schepper van heel deze wereld, erbij haalt, of nee, niet erbij haalt, je hoeft Hem er niet bij te halen, Hij is er al bij, Hij is de Schepper, Hij deelt het je uit, Hij staat naast je, Hij is in die dingen aanwezig. Als je zo oog krijgt voor God die erbij is in die dingen, dan kom je meteen ook wel de risico's op het spoor, dan ga je vanzelf ook begrijpen dat je de dingen verkeerd gebruiken kunt, dat je er zo in op kunt gaan dat je God vergeet, dat je andere mensen, je naasten, vergeet of schaadt, dat je mensen als voorwerpen gaat gebruiken en uitbuiten, enzovoort.
Leef met de HERE, zorg goed voor jezelf, ook als je op kamers zit, zorg ervoor dat je gezond bent. Nu ben je nog jong.

Broeders en zusters, dit was een preek voor de jeugd. Maar ik hoop dat het ook een beetje een preek voor u is geweest als u volwassen bent of misschien al bejaard. Gun de jeugd een onbekommerde jeugd. Wee die ouders die hun kinderen alleen maar dwarsbomen. Natuurlijk in elke opvoeding hoort het thuis dat je conflicten hebt, dat je je kinderen corrigeert, dat je ze dingen verbiedt, dat je ze leert wat kan en wat beslist niet kan als je christen bent. Maar er hoort ook bij dat ze hierin voorgaat dat God de God is van heel je leven, ook van je vrije tijd en dat je iets uitstraalt van dat je daar blij mee bent, dat je het fijn vindt dat God het leven geeft, dat je zelf ook geniet van de mooie dingen niet chagrijnig op elk slakje zout legt.

Jong of oud, we leven allemaal samen met God.
We zijn allemaal onderweg naar het oordeel , de dag dat God zal oordelen over ons leven, ook hierover of we genoten hebben van zijn goede gaven.
En dan zal door het oordeel heen, voor ieder die vanuit Christus heeft willen leven dan zal het niet afgelopen zijn, maar dan begint het pas, een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, in Jezus' naam.

Amen.


Gebed 2

Dank voor de schepping, voor het leven, voor gezondheid, voor de mogelijkheid gewoon naar de kerk te kunnen gaan. Dat we mogen leren de dingen te beleven als gaven van U, dat we U erin opmerken. Voorbede voor hen die thuis luisteren, die niet zo gezond zijn, die aan huis gebonden zijn. Die niet kunnen horen, of zien, of genieten. Geef ons zicht op U de Schepper, de Herschepper, de God die het voltooien zult.

Dank voor de jeugd, voor hun levenslust. Voor hun mogelijkheden vandaag.

Voorbede voor opvoeders, om voor te gaan in het genieten van het leven als gave van U.

Dank voor sport, voor vrije tijd. Voor mogelijkheden om te reizen. Genieten van uw schepping.

Tegelijk belijdenis van schuld: dat we vaak zo ondankbaar zijn hoeveel we ook hebben, weinig oog voor de kleine mooie dingen.

Voorbede voor hen die echt te lijden hebben onder de zwaarte van het leven. Depressief (ook familieleden van depressieve mensen, of anderen met psychische moeiten).

Uw oordeel komt om alles recht te zetten, ook die dingen die nu onherstelbaar vernield zijn.
Laat uw koninkrijk komen en geef ons door Christus een goed geweten om die dag met verlangen tegemoet te zien.

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar