Jozua en Kaleb (Deel 3: Leven uit vergeving kan alleen als je leert wat zonde is)

Thema: Leven uit vergeving kan alleen als je leert wat zonde is
Tekst: Numeri 14: 20-45
Tekstgedeelte(n): Numeri 14: 20-45
Door: B. van Veen (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Lisse-Voorschoten)
Gehouden te: Lisse op 27 augustus 2000; Voorschoten op 10 september 2000
Opmerking RJCV: Deel 1 kan zelfstandig gelezen worden; Deel 2 en Deel 3 in volgorde en als onderdeel van de prekenserie:
Jozua en Kaleb - 1: Durf je nog?,
Jozua en Kaleb - 2: Bidden voor afhakers?,
Jozua en Kaleb - 3: Leven uit vergeving kan alleen als je leert wat zonde is.
Extra: Inleiding op de prekenserie: Jozua en Kaleb.

Aanwijzingen voor de Liturgie

Votum en zegengroet
Ps. 119: 28
(Morgendienst: Wet)
(Morgendienst: Ps. 119: 33)
Gebed
Lezen en tekst: Numeri 14: 20-34
Ps. 106: 11-12
Preek
Ps. 95: 3-5
(Middagdienst: Geloofsbelijdenis: Gez. 3)
Gebed
Ps. 139: 11
Zegen

Gemeente van onze Here Jezus Christus,

Dat is nou ook zonde. Ben je ver weg geweest en heb je daar iets moois gekocht. Je hebt het goed verpakt in je koffer. Thuis doe je de koffer open, ligt het aan scherven. Dat is nou toch echt zonde, nietwaar?

Zonde wat is dat eigenlijk? Wat zegt het woordje 'zonde' je? Zonde, is dat niet zoiets als wat jammer nou?

Ja, in de kerk gaat het ook regelmatig over zonde. Daar moet je het niet te vaak over hebben, vind u wel? Je kunt het veel beter hebben over vergeving. Dat is mooier. Daar wordt je blij van.

Alleen van vergeving begrijp je niets, als je niet beseft wat zonde is. Heel concreet: Gods vergeving voor jou zegt je niets, als jij niet weet hoe schuldig je uit je zelf staat voor God. Dat is ook de reden waarom in het avondmaalsformulier wordt gewezen op het belang van jezelf onderzoeken, zonden en vervloeking overdenken. Weet wat zonde is!

In de geschiedenis die we zojuist hebben gelezen, legt God er ook heel pijnlijk de vinger bij. Waarom? God wil zijn volk iets leren, een besef bijbrengen dat heel erg nodig is. Juist om te kunnen ontdekken wat zijn liefde is, wat vergeving echt betekent.

Hoofdgedachte van deze preek is:

Leven uit vergeving kan alleen als je leert wat zonde is

  1. God kan een gevoelige les geven
  2. Gods lessen hebben een duidelijk doel
  3. Gods lessen vragen om een passend antwoord

1. God kan een gevoelige les geven

Op uw bede schenk ik vergeving! Wat een bevrijdend antwoord op dat bijzondere gebed van Mozes. Vergeving! Opnieuw haalt God zijn hand over zijn hart. Maar dat kost Hem wel iets. Daar hebben we de vorige keer bij stil gestaan. Ook Mozes komt dat te weten als hij even terug is op aarde aan het begin van onze jaartelling. Hij praat dan met Jezus. Het gaat over wat de Zoon van God gaat doen in Jeruzalem, de prijs betalen voor de vergeving. Hij gaat zijn leven en bloed geven! God is bereid zelf de pijn te lijden.

Meteen zegt God er tegen Mozes wel iets bij. Vergeving betekent niet dat nu alles voor elkaar is. Het is nog helemaal niet in orde. God is immers keihard afgewezen door de mensen voor Hem. Voor dat afwijzen zal Hij zelfs het woord overspel gebruiken (vers 33). God is met zijn liefde op alle manieren naar zijn volk toegekomen. Hij koestert het, beschermt het, voedt het. Wat een zorg voor dat volk in de woestijn. Menselijk gesproken kun je zeggen, God is verliefd op dit volk. Wat riepen de mensen? Wij willen een andere leider. We hoeven God niet meer, we hebben liever een ander.

Dit is toch hopeloos? Hoe kan God nu verder met zulke mensen? Er zal eerst iets moeten gebeuren. Er is bezinning nodig om te komen tot een andere houding tegenover God. Ze zullen moeten beseffen waar ze mee bezig zijn.

Er klinkt een eed. God zweert! God laat weten dat wat Hij nu gaat zeggen, ook zeker gaat gebeuren. Zo waar Hij leeft en zo zeker als zijn heerlijkheid de aarde zal vervullen.

Gods heerlijkheid. Dat woord kwamen we al vaker tegen. Letterlijk staat er een woord dat je ook met gewicht zou kunnen vertalen. Je kunt daarbij denken aan al het indrukwekkende van God, grootheid, macht, majesteit, glorie. Zojuist, vlak voor het gebed van Mozes verscheen de heerlijkheid van de Here. Het volk staat klaar met stenen. Jozua en Kaleb worden bijna doodgegooid. Dan opeens verschijnt de heerlijkheid van de Here. Het volk staat te trillen en durft niet meer. Mogelijk deed God iets met de wolk bij de tabernakel, misschien met een verblindend licht of oorverdovend geluid. Het opstandige volk, staat opeens als aan de grond genageld. De heerlijkheid van God, het indrukwekkende is beangstigend dichtbij. Om doodsbang van te worden.

Heerlijkheid, kom je ook op een andere manier tegen. Daarbij mag je denken aan de geweldige wonderen. Zo omschrijft God het zelf ook (vers 22). Hij heeft vanaf Egypte in allerlei tekenen zijn heerlijkheid getoond. Je zou kunnen zeggen dat is het indrukwekkende van God, heel dichtbij, niet beangstigend maar juist beschermend.

Op een dag zal de heerlijkheid van God, zijn indrukwekkende verschijning heel de aarde vervullen en kan geen mens er onder uit. Jesaja heeft er al een voorproef van gezien (Jesaja 6). Gods grootheid straalde over heel de aarde. Als je meer en meer God leert kennen, ga je ook om je heen steeds meer van Hem zien, bijvoorbeeld in de natuur. Dan kan een christen zeggen: ik snap niet, dat mijn collega niet ziet dat er wel een God moet zijn, als je alleen al kijkt naar die prachtige bloemen, dieren en vul maar aan. Veel mensen zien het vandaag niet. Er komt een dag dat iedereen op de knieën zal gaan voor God.

Dan, op dat grote moment, krijgt Hij de eer waar Hij recht op heeft, wereldwijd. Voor die eer kwam Mozes op in zijn gebed. God kreeg niet de eer van zijn eigen volk, maar anderen in Egypte en Kanaän, waren wel onder de indruk. Laat die eer mogen blijven! Eens zal iedereen onder de indruk komen van Gods heerlijkheid. Hoe zal dat zijn voor jou? Die heerlijkheid, is die voor jou op dat moment beangstigend, beklemmend of juist beschermend en bevrijdend?

Het gaat komen, dat is zeker! Zo zeker mag het volk ook zijn van de straf die komt. Want de maat is vol. God gebruikt de uitdrukking: tienmaal verzocht. Je hoeft niet precies naar tien keer te zoeken. Het is nu meer dan genoeg geweest. Mensen die zoveel van de indrukwekkende liefde van God hebben gezien, die bovendien zijn stem hebben gehoord, hebben geen excuus.

Er is een straf voor mensen van twintig jaar en ouder, om precies te zijn: de getelde mensen (vers 29). In het boek Numeri bepaalt je dat meteen bij een bepaalde groep, de strijdbare mannen uit alle stammen behalve die van Levi. Dat kun je lezen in het eerste hoofdstuk.

In Jozua 5: 6 en Deuteronomium 2: 14 worden ze omschreven als de krijgslieden. Zij vormden de kracht van het volk. De kracht die God had gegeven om geweldige overwinningen te kunnen behalen. Maar zij durfden niet meer en hadden openlijk God afgewezen. God laat een groot deel van hen nog wel in leven, ze krijgen nog adem. Maar het beloofde land komen ze niet meer in. Deze strijdmacht heeft God niet meer nodig.

Hoe is het afgelopen met mensen uit de stam Levi? Het is goed mogelijk dat de ouderen van die stam wel in het beloofde land zijn gekomen. De oudste zoon van Aäron komt er in ieder geval wel. Die lijkt volgens de berekeningen op dit moment ook de twintig al gepasseerd te zijn. De rol van de Levieten is sowieso bijzonder. Onder de twaalf verspieders was geen Leviet.

En de vrouwen? Ook daar wordt hier niets over gezegd. In ieder geval komt van alle andere stammen van de sterke mannen boven de twintig niemand in het beloofde land.

Twee uitzonderingen zijn er, Jozua en Kaleb. Zij hebben laten zien wel te vertrouwen op God. Twee verspieders die een ander geluid lieten horen. Bij Kaleb was een andere geest. Hij heeft mij gevolgd, zegt de Here (vers 24). Hun collega verspieders krijgen een onmiddellijke straf. Een plaag treft hen. Ze krijgen geen ruimte meer om te leven. Zij waren leiders, maar werden verleiders. Ook Jezus heeft er later op gewezen dat wie anderen verleid, kan rekenen op vreselijke gevolgen. Zo iemand zou maar beter met een molensteen om zijn nek, in zee geworpen kunnen zijn, zegt Hij zelfs (Matteüs 18: 6). Met deze verleiders kan God niet verder.

Let eens op de manier van spreken van God. God heeft zijn volk gehoord! Soms vraag je je af: hoort God mij wel. God hoort meer van ons, dan wij van Hem. Dat zie je hier ook. Zijn mensen hebben naar Hem niet geluisterd. Hij luistert wel naar hen. In de straf, geeft God waar het volk zelf om gevraagd heeft. God hoort niet alleen onze gebeden, maar ook andere woorden. Ondankbare woorden en vloeken, ontgaan Hem niet. Dat maakt een vloek ook om van te rillen. Je weet misschien wel wat de bekendste vloek, die je zo vaak kunt horen, betekent. God verdoem mij! Doe mij maar in de hel. Je mag blij zijn als God dat niet direct verhoord.

Jullie willen terug? De Amelekieten en Kanaänieten zullen hier voorlopig blijven wonen, jullie gaan terug naar de zee waar Ik je doorheen geleid heb. Jullie gaan terug, niet naar Egypte, wel naar de woestijn.
Ik hoorde jullie wel roepen: Waren we maar in deze woestijn gestorven (Numeri 14: 2). Als een refrein klinkt Gods antwoord hier: jullie dode lichamen zullen liggen in de woestijn. Je zult hier omkomen.

Wat zeiden jullie nog meer? Onze kinderen worden buit voor de vijand. Nu heb je het mis, zegt God.
Met jullie kinderen ga Ik een andere weg. Ik heb een plan voor jullie kinderen, met hen ga Ik verder. Zij zullen wel komen in het beloofde land. Eerst zullen ze wel de gevolgen mee dragen van wat jullie nu hebben gedaan. Zij zullen moeten wachten, totdat jullie er niet meer zijn, voordat ze het mooie land binnen mogen gaan en het echt leren kennen zoals het is.

God geeft nieuwe kansen aan de nieuwe generatie. Die krijgt eerst wel een klap mee van wat de ouderen hebben gedaan.

God gaat zijn volk een les geven, een gevoelige les. Voor elke dag van verspieden komt een jaar woestijn te staan. Voor elke dag dat de verspieders mochten rondkijken in het mooie land, met die heerlijke vruchten, zal het volk maar liefst een jaar lang rondkijken in de woestijn. Waarom?

2. Gods lessen hebben een duidelijk doel

Om te leren wat het is als Ik mij afkeer. Dat is het doel! Elke dag, al die jaren in de woestijn, zijn een pijnlijke confrontatie: als de Here ons niet helpt, dan komen wij het beloofde land niet binnen. Als de Here ons niet helpt, dan wacht er geen beloofde land, dan is er alleen een dorre woestijn, verschroeiend, verstikkend.

Omgaan met God is niet vrijblijvend. Je kunt maar niet alles tegen God zeggen. Het lijkt zo vanzelfsprekend dat in jouw leven dingen goed gaan, dat God voor je zorgt. En er zijn er heel wat die zeggen: het gaat toch goed met me, ik heb God niet nodig. Wat een vergissing. Ieder mens leeft dankzij de zorg van God. Elke ademtocht krijg je van God. Er kan een moment komen dat God zegt: nu laat ik je inderdaad los. Jij wilt niet meer met mij leven, ervaar dan maar eens om zonder mij te leven. Dan kom je in een woestijn. Het allerergste is als een mens levenslang tegen God blijft zeggen: God ik heb U niet nodig, ik kan wel zonder U. Dan zal God zeggen: nu zul je voor altijd zonder mij zijn. Het ergste van de hel. Het is bijzonder als God mensen in dit leven een les wil geven.

Soms krijg je een harde les, waarmee God je duidelijk maakt wat je doet als je zonder Hem probeert te leven. Er is heel wat leed wat ook wij onszelf kunnen aandoen. Ook wij kunnen te maken krijgen met ernstige gevolgen van eigen gedrag. Dan hoeven we niet te vragen: 'waarom laat God mij dit overkomen?' Eerder zou je nog de vraag kunnen stellen: 'waarom hield God mij niet tegen?'
God geeft je een verantwoordelijkheid. Van jouw keuzes kun je God niet de schuld geven. Had ik dit of dat maar nooit gedaan. Ken je die gedachte?

Mensen die gevolgen van een verslaving kennen, kunnen er vaak van meepraten. Wat kan er veel kapot gaan, als gevolg van keuzes van jezelf. Het is bijzonder dat er zijn die juist door een dal van ellende, door een strik van verkeerde eigen keuzes heen, uiteindelijk toch bij God mogen uitkomen. Soms hebben wij mensen blijkbaar harde lessen nodig.

In Hebreeën 12 staat dat God zijn kinderen waar Hij veel van houdt kan straffen. Harde lessen kunnen voortkomen uit Gods welgemeende liefde. Jezus zelf zegt in Openbaring 3: 19: "allen die Ik liefheb, bestraf Ik en tuchtig Ik". Dat betekent niet dat als God van je houdt dat je voortdurend straffen krijgt. Wel dat God echt om je geeft. En dat het nodig kan zijn, met harde hand van de ondergang gered te worden. Als je kind de weg op rent, terwijl er een auto aan komt, kan het grijpen van je kind en wegtrekken van de straat, een ongeluk voorkomen. Een harde hand redt! Dat zie je ook hier. God stuurt zijn volk terug de woestijn in, omdat hij zijn kinderen die dreigen weg te lopen terug wil.

Voor de duidelijkheid: dit betekent natuurlijk niet dat je achter alle ellende die je mee kunt maken in dit leven een straffende hand van God moet gaan zoeken. In de bijbel wordt meer gezegd. God kan andere redenen hebben waarom Hij bepaalde moeite in je leven toelaat.

Israël krijgt een les. Leren wat het is, als God niet meer met je verder wil, tegenover je komt. Waar kun je dat beter leren dan in de woestijn, waar je de dood als het ware in de ogen kijkt, waar je je als mens zo klein en afhankelijk kunt voelen.

Weet je wat zo bijzonder is. De mensen komen in de woestijn. Wat maken ze daar mee? God heeft zich nog steeds niet van ons afgekeerd. God zorgt nog steeds. Iedere dag is er brood uit de hemel, manna. Steeds is er fris water om je dorst te lessen. We krijgen zelfs vlees te eten. God is nog steeds met ons bezig.

Dat kan helpen om te gaan beseffen: wat een God. Wat is het erg als ik deze God kwets, het kapot maak tussen Hem en mij. Wat is zonde erg! Want dat is zonde, niet een optelsom van al je verkeerde daden, maar dat je verkeerd staat tegenover God, dat je niet meer beseft wie Hij is en wat Hij voor je doet.

Dat kan in de woestijn geleerd worden. Belangrijk, met name voor de nieuwe generatie, om daar in de woestijn Gods bijzondere zorg gaan waarderen. Die is niet vanzelfsprekend, maar heel wonderlijk.
Zonde is erg omdat ik tegen deze geweldige God inga. Loslaten van Hem, is mijn leven op het spel zetten.

Juist dat besef van zonde, verrijkt je besef van God. Dat laat je zien wat vergeving werkelijk betekent. Vergeven als mensen onderling kan moeilijk zijn. Klopt toch? Dat wordt helemaal moeilijk als jou iets is aangedaan en jij merkt dat de ander helemaal niet beseft wat hij of zij jou aandeed. Misschien zegt hij of zij nog: het spijt me. Je voelt die ander heeft niet door de pijn die ik heb. Er is geen besef van schuld. Als dat besef er niet is, wordt vergeven moeilijk. Zonder dat besef is er geen echt berouw, kan vergeving geen effect krijgen.

Zonder besef van de ernst van zonde, van wat het is om niet op God te vertrouwen, kun je God niet liefhebben. Je hebt immers geen idee wat de diepte van zijn liefde voor jou werkelijk inhoudt. Hoeveel pijn God heeft willen lijden voor jou.

God geeft zijn volk een leerschool van veertig jaar, om tot dat besef te komen. Dan kan de houding veranderen, het overspel verdwijnen en er weer liefde en vertrouwen groeien: ja, Here, wij willen alleen maar met U leven. God stuurt zijn volk niet de woestijn in om het de dood in te jagen, ook al vallen er lijken. God wil juist leven geven!

3. Gods lessen vragen om een passend antwoord

Het volk lijkt ook diep onder de indruk. Er is rouw, berouw. Er wordt gehuild. Mensen hebben er spijt van en beseffen 'dit is heel erg'.

Wat gebeurt er de volgende morgen? Er komt beweging in het kamp. Dat moest. God heeft de opdracht gegeven op reis te gaan, terug de woestijn in. Maar die kant gaat het niet op. Het volk gaat in een heel andere richting. Er wordt geroepen: wij gaan tot de aanval over.

Ja, er wordt meer gezegd: Wij hebben gezondigd. Je zou zeggen: zie je wel ze hebben het door. Er klinkt een schuldbelijdenis. Maar wel een heel oppervlakkige. Meteen wordt gezegd: Wij gaan tot de aanval over!

Dat lijkt heel moedig. Wordt hier niet gereageerd op wat Jozua en Kaleb hadden gezegd? Durf dan, we kunnen de tegenstanders aan! Dit is toch iets anders.

Mozes schrikt en grijpt in. Wat gaan jullie nu doen? Je belijdt je zonde, maar meteen ga je weer in overtreding. God heeft nu een andere opdracht. Laat nu dan ook zien dat je naar Hem wilt luisteren.

In de vorige preek heb ik gezegd: Vergeving is dat God de poorten naar Hem openzet, je mag zomaar bij Hem binnenwandelen. Leven uit vergeving, is binnen komen bij God om naar Hem te luisteren. Wat bijzonder dat God van zich laat horen. Dat Hij je duidelijk wil maken hoe je Hem mag leren kennen en Hem mag volgen.

Maar dat is niet zomaar iets. Wil je echt naar God toe? Hoe makkelijk doe je niet je oren dicht voor God? Je doet iets, je maakt een keuze en laat de bijbel dicht of slaat bepaalde stukken over. Want je weet best, als je leest wat daar staat, dan kun je er niet omheen. Ik kan proberen me er uit te redden, dat was iets voor toen, cultuurgebonden misschien. God zal het wel begrijpen. Weet ik het zeker? Misschien begrijpt God er helemaal niets van. Hij ziet alleen dat ik op dat moment weiger te horen wat Hij zegt. Zijn wij bereid te luisteren?
Hier marcheert een groep mensen gewoon binnen bij God. We mogen binnenkomen bij God. Hier zijn we dan. Sorry, God, we hebben een fout gemaakt, we hebben gezondigd. Nu gaan we weer verder waar we gebleven zijn. Dat kan toch? Ze gingen zeker verder waar ze gebleven waren. Ze gingen door met doen wat ze zelf wilden, het volgen van eigen plannen. God moet zich maar aanpassen.

Hoe makkelijk ga je als mens niet over tot de orde van de dag. Meen je wat je zegt, als je God je schuld belijdt. Wat ziet God daarvan als je op dezelfde manier verder gaat? O, je kunt opnieuw in dezelfde zonde vallen. Maar God ziet wel degelijk of je echt van je zonden afwilt, of dat je eigenlijk van het gezeur af wilt zijn. Daar zit verschil tussen.

Mozes vertelt meteen hoe dit gaat aflopen. Jullie lijken moedig, maar jullie zullen niet als helden uit de strijd komen. Dit is niet hetzelfde als waar Jozua en Kaleb toe opriepen. God zegt: Kaleb heeft mij gevolgd. Kaleb was een held, omdat hij achter God aanging. Zulke helden hadden deze mensen ook kunnen zijn als ze eerbiedig hadden gebogen voor Gods besluit, en achter Hem aan terug de woestijn in waren gegaan.

Nu gingen ze zelf de held uithangen, onder vrome woorden, maar helemaal los van God. Mozes gaat niet mee. De ark van God, teken van Gods aanwezigheid, blijft ook in het kamp. Daaruit is mogelijk af te leiden dat ook nu de levieten niet meegegaan zijn.

Daar gaan ze, vol vertrouwen, ja op zichzelf. Dan komt de klap. De vijand slaat terug. De onoverwinnelijke tegenstanders waar ze eerst zo bang voor waren geweest, bleek inderdaad heel sterk. Er sneuvelen velen. Zie je wel die tien verspieders hadden gelijk. Nee, Jozua en Kaleb hadden gelijk. Alleen met God kom je daar binnen. Als je gaat zonder God dan kom je er vroeg of laat achter dat je tegenover Hem staat. Dan ben je nergens meer. Wat een harde les voor het volk dat nog maar net aan de leerschool in de woestijn was begonnen.

Wat een wonder dat God het nog steeds niet opgegeven heeft. De maat was toch al vol? God geeft nieuwe kansen. Wat een kansen geeft Hij ook vandaag.

Je mag binnenwandelen bij God. Vandaag kan het nog. Doe het op de goede manier. In Hebreeën 3-4 wordt herinnerd aan deze geschiedenis via Psalm 95. Heden, indien u zijn stem hoort, verhardt uw hart niet! In deze Psalm van het volk dat al in het beloofde land woont, klinkt de oproep om het beloofde niet te verspelen. In Hebreeën wordt de lijn doorgetrokken naar Gods beloofde nieuwe wereld, de eeuwige rust. Verspeel die rust niet, wordt er opgeroepen, maak er ernst mee, vandaag!

Er komt een moment dat het niet meer kan. Neem het serieus! Besef wat het betekent bij God te mogen horen, kom onder de indruk van Hem. Luister naar Hem. Luister naar zijn Zoon Jezus Christus. Ga achter Hem aan. Alleen zo kom je in het beloofde land.

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar