De Here is geen werkgever, maar een echtgenoot

Thema: De Here is geen werkgever, maar een echtgenoot
Tekst: Hosea 2: 15
Tekstgedeelte(n): Hosea 1: 2-3
Hosea 2: 13-22
Door: Ds. J.W. Boerma (dovenpredikant gereformeerde kerk vrijgem. Zwolle-Zuid)
Gehouden te: Zwolle-Zuid op 30 juli 2000
Extra:

Samenvatting van de preek

Aanwijzingen voor de Liturgie

Votum en groet
Ps. 147: 1, 7
Gebed 1
Lezen: Hosea 1: 2-3; Hosea 2: 13-22
Ps. 85: 1, 3
Tekst: Hosea 2: 15
Preek
Ps. 144: 2, 6
Geloofsbelijdenis: Gez. 4
Gebed 2
Lied 39: 1-2, 6, 9
Zegen

Gebed 1

Onze Vader in de hemel,

U beschermt ons.
Wij lezen dat in de psalmen.
U bent altijd bij ons.
Wat ons gebeurt, weet U.
U bent daarbij en U helpt ons.

Wij danken U daarvoor.
Wij denken niet altijd aan U.
En onze aandacht voor U is vaak weg.
Maar U zorgt altijd voor ons.
En U vergeet ons niet.
Wij danken U daarvoor.

Nu zijn wij bij elkaar hier.
Wij vragen U; geef ons een goede middag.
Help ons als wij uit de bijbel lezen.
Help ons de bijbel te begrijpen.

Hoor ons om Christus' wil.

Amen.


Gemeente van Christus,

Als je door een nieuwe woonwijk fietst, zie je vaak dat er huizen te koop staan, soms nog geen jaar oud. Soms verhuizen mensen naar een andere plaats voor hun werk of bevalt het huis niet goed. Maar de oorzaak is ook vaak: de mensen gaan scheiden. En dan is het huis niet meer te betalen. Van alle 100 huwelijken die in Nederland worden gesloten, eindigen 33 met een scheiding. En wij merken dat ook wel; vrijwel iedereen kent wel iemand die gescheiden is; ook in de kerk zie je dat een aantal huwelijken zo eindigt.
Wat is dat jammer. Iemand die trouwt, verwacht of denkt of hoopt dat hij of zij voor eeuwig bij elkaar zal blijven en dat de liefde nooit zal ophouden. Helaas liep het anders.
Van de 100 huwelijken in Nederland blijven er 66 bestaan. Maar als je daar goed naar kijkt, is het daar altijd goed? Veel mensen scheiden niet, en willen dat ook niet, maar is hun huwelijk echt goed? Ben je nog net zo gelukkig met elkaar als in het begin? Hoeveel getrouwde mensen zouden graag een beter en intensiever contact met elkaar willen hebben?
En nu gaat het over getrouwde mensen. Maar misschien zit er iemand in de kerk, en zijn of haar verkering is net uit. Of er is een jongen die verliefd is op een meisje, maar zij voelt niets voor hem, zij kijkt voortdurend naar een jongen, maar hij weer niet naar haar. Wie weet hoeveel mensen met liefdesverdriet er nu in de kerk zitten! Dit zijn alleen nog voorbeelden over heterofiele verhoudingen. Hoeveel leed ligt er niet bij onze homofiele broeders en zusters, die zien dat de Here hun verlangens blokkeert?
Als je dat allemaal optelt, dan zie je vooral, dat het ons als mensen niet lukt om lief te hebben en een evenwichtige, goede relaties op te bouwen. Wat is er veel op dit gebied mis. En wat loopt er veel scheef. En wij weten ook wel: de oorzaak is soms domheid, kortzichtigheid en onwil, maar is het niet zo, dat iedereen graag gelukkig wil zijn in de liefde? Maar toch gaat het mis. Niemand wil het. Maar het lukt niet om in een goede verhouding te leven.

Waarom dit begin van de preek over liefdesrelaties? Omdat de Here in de bijbel vaak de relatie tussen Hem en ons vergelijkt met een verhouding in een huwelijk. Hosea, de profeet en zijn vrouw Gomer, een hoer, zijn getrouwd. En hun huwelijk is een boodschap voor het volk.

Thema van de preek is:

De Here is geen werkgever, maar een echtgenoot

  1. zo voelen wij dat niet
  2. zo wil de Here het wel
  3. zo wordt het ook

1. De Here is geen werkgever, maar een echtgenoot: zo voelen wij dat niet

Dit is een preek over het tweede hoofdstuk van Hosea. Een paar dingen moeten wij weten uit hoofdstuk 1. De profeet Hosea moet met een hoer trouwen. De Here laat aan het volk zien hoe de verhouding tussen Hem en het volk is. De Here wil een goed huwelijk, maar zijn vrouw, het volk, loopt steeds naar andere mannen. De zonde van overspel vergeleken met naar andere goden gaan. Dat zie je steeds weer in het Oude Testament. Vroeger blijkbaar een grote verleiding: al die goden van de mensen om Israël heen. Heel veel profeten hebben steeds weer tegen de afgoden gepreekt.
In deze preek willen wij vooral kijken naar de verhouding tussen Hosea en Gomer. Hoe was hun verhouding? Hoe was hun huwelijk? Hoe gingen zij met elkaar om? Wij weten het niet precies, het staat er ook niet en daar gaat het in de tekst ook niet om. Maar wij weten wel hoe hoeren met mannen omgaan en dat leert ons veel over dit hoofdstuk in de bijbel.

Bij een prostitué geldt: ik geef jou wat en jij betaalt mij ervoor. Een prostitué is lief en aardig voor een klant, zij probeert al zijn wensen te voldoen. Zij geeft zelfs haar lichaam en ze hebben gemeenschap. Een prostitué geeft heel veel, maar de klant moet wel betalen. Zij geeft omdat zij ook iets terug wil hebben. Zo is de verhouding: voor wat, hoort wat. ik geef en dan geef jij ook.
Als twee mensen getrouwd zijn, kan zo'n verhouding ook ontstaan. Voor wat, hoort wat. Bijvoorbeeld: een vrouw wil dat haar man iets voor haar doet, een nieuwe jas betalen of iets dergelijks. En zij maakt hem duidelijk, dat ze dan wel met hem wil vrijen. Hij wil altijd wel vrijen, en zij laat zich betalen. Voor wat, hoort wat. Of - ander voorbeeld - een man die tegen zijn vrouw zegt, dat hij recht heeft op geslachtsgemeenschap. Hij doet alsof het huwelijk een verhouding is van recht en plicht.

Het is u natuurlijk duidelijk dat dit niet in een goed huwelijk past. Maar zit het niet in ieder van ons? Een vrouw maakt de afspraak: als jij vandaag voor de kinderen zorgt, dan mag jij morgen uitslapen. Of een man die een tijdlang zijn vrouw een kopje thee op bed brengt of een bos bloemen meebrengt in de hoop dat ze wat aardiger gaat doen. Nog een voorbeeld: een vrouw die verbitterd is op haar man, omdat haar man voor zichzelf meer geld uitgeeft dan zij. En zij denkt: ik doe meer voor hem, dan dat hij voor mij doet. En het vreemde is, dat beide echtgenoten dat soms denken. Een verhouding van: voor wat, hoort wat.
In zo'n verhouding loopt de liefde weg. Voor wat, hoort wat. Dat is precies de tekst. De Here en het volk hebben een verhouding als baas en knecht: werkgever en werknemer. De Here is mijn Baäl, mijn eigenaar. Je doet wat voor elkaar, ik doe mijn werk, de baas betaalt mij ervoor. Het volk dient de Here, de Here doet daar wat voor terug: leven en welvaart geven.
Zo ging dat met alle afgoden: Baäl en Astarte bijvoorbeeld. Het volk geeft aan Baäl offers, ze bouwen een tempel voor hem en dienen hem in die tempel. En dan geeft Baäl regen en vruchtbaarheid en een goede oogst.

Zo kun je ook met de Here omgaan: ik doe wat voor de Here en de Here mag niet mopperen, Hij doet dan wat terug. Ik bid drie keer per dag en ik lees een stukje uit de bijbel, ik overtreed de wet niet erger dan een ander. Zo gek doe ik het niet bij de Here. Hij zal wel tevreden zijn.
Als je zo'n verhouding hebt, dan is dat een verhouding als in een schraal huwelijk. Voor wat, hoort wat. Daar is geen liefde. En liefde, dat wil de Here, en dat maakt een huwelijk ook mooi en goed. Liefde is als de olie tussen twee stukken ijzer, bijvoorbeeld in een automotor. Twee stukken ijzer die langs elkaar glijden, dan heb je olie nodig. Is de olie er tussenuit, dan loopt het stroef en dan loopt het vast. Met olie, met liefde, loopt de verhouding soepel. Dan is het niet zo, dat de één alles voor de ander doet en de ander niets, maar je let er niet op en het is niet erg als de één wat vaker koffie inschenkt dan de ander. In een verhouding van liefde gaan die dingen vanzelf zonder onderhandelen en zonder afspraken.

Voor wat, hoort wat, ik geef omdat jij mij geeft of de olie van de liefde. Mijn Baäl, mijn heer, mijn eigenaar, mijn werkgever, of mijn echtgenoot, mijn minnaar. Als je de bijbel leest en als je de kerkgeschiedenis overziet, is dat steeds weer een gevaar voor ons. Mensen gaan steeds weer met de Here om alsof Hij een werkgever is. Ik doe wat voor U en dan verwacht ik dat U wat voor mij doet. Ik span mij voor U in, en dan moet U mij de hemel geven. Ik ben actief voor U en dan ben ik Uw kind. Altijd is dat weer een gevaar. Je herkent het bij jezelf.
Hoe komt dat? 1 op de 3 huwelijken loopt mis. In veel andere huwelijken is de verhouding niet optimaal, dat kan beter. Wij zijn als mensen blijkbaar slecht in relaties. Zo is een mens. Alles inzetten, alles aan een ander geven zonder er iets voor terug te krijgen, dat kunnen wij niet. Als wij verliefd zijn, dan lukt dat een poosje. Verliefde mensen hebben soms werkelijk alles voor hun geliefde over. Maar verliefdheid houden wij niet lang vol, dat verdwijnt. Daar komt dan liefde voor in de plaats. Maar die liefde is niet sterk genoeg om altijd te geven zonder te krijgen.

In onze huwelijken zijn afspraken soms nodig, soms is een flinke ruzie nodig om de verhoudingen te verbeteren. Soms moet je huwelijk door een crises en daarna elkaar weer meer lief te hebben. Zo is dat bij ons. Wij zijn geen mensen die de liefde in ons hebben. Het gaat niet vanzelf om een ander lief te hebben en gelukkig met hem of haar te blijven. Als de olie van de liefde wegloopt, dan moet je die weer opvangen en weer toevoegen. Ons probleem is dat wij teveel van onszelf houden om genoeg oog te hebben voor de ander. Wij gebruiken veel liefde voor onszelf in plaats van voor de ander.
Iedereen die trouwt, iedereen die verliefd is, iedereen die verkering heeft, weet zeker dat alleen wederzijdse inzet en sterke wederzijdse liefde en trouw tot elkaar geluk geeft. Je weet het, maar toch houd je die liefde niet altijd vast. Dat kunnen wij niet. Wij willen wel, maar het lukt ons niet. Zo zijn wij als mens niet.
En de Here is wel zo. Zijn liefde heeft een hoog niveau. Hij kan eindeloos geven zonder iets terug te krijgen. Bij hem nooit: voor wat, hoort wat. Nooit: Ik geef omdat jij Mij geeft. Hij kan geven en geven en geven en geven. En de Here wil op dat niveau met ons omgaan, een niveau van wederzijdse liefde die geeft. De Here is een echtgenoot met liefde. Maar zover zijn wij nog niet.

Wij kunnen ons moeilijk een God voorstellen die alleen maar geeft. Iets doen, recht op Zijn zorg en liefde verdienen, dat past bij ons. Zo zitten wij in elkaar. Dat hoge niveau van liefde halen wij niet. De Here maakt ons echtgenoot van Hem, maar zo voelen wij dat vaak niet.

2. De Here is geen werkgever, maar echtgenoot: zo wil de Here dat

Dit punt begint met een vraag: wie heeft geen verkering en is op dit moment verliefd? Ik zal niet vragen om vingers op te steken, want vaak wil je je verliefdheid niet al te duidelijk laten merken. Soms omdat je het nog niet durft te zeggen, je wilt eerst weten hoe het met die ander is. Afgewezen worden is vreselijk, dat risico wil je niet lopen. Soms is het wijs om niets te laten merken. Misschien gaat het snel over en ben je verliefd op iemand die onbereikbaar is of die niet bij je past.
Veel verkeringen beginnen langzaam. Eén van beide wordt verliefd op de ander, maar het duurt een tijd voordat de ander zo ver is. Van beide kanten liefde op het eerste gezicht, dat komt niet zo vaak voor. Vaak loopt het anders. Je bent verliefd, probeert de aandacht te trekken van de ander, maar niet te veel. Je wilt graag bij de ander in de buurt zijn, maar niet te dichtbij. Je maakt allerlei plannen om hem of haar te ontmoeten, je fantaseert over hoe je hem of haar ergens onverwacht ontmoet. Maar als het dan gebeurt, dan weet je niet hoe je je moet gedragen. Stiekem verliefd zijn op iemand, het houdt je zo bezig, dat mensen die nu vreselijk verliefd zijn, dit niet horen; die hebben hun gedachten ergens anders.
Maar u kent het: een proces van proberen de ander voor je te winnen. Verliefd zijn en proberen de andere verliefd te maken. Als je dat wijs aanpakt, dan maak je een goede kans. Als je haar leuk vindt en je laat dat merken, gaat zij jou ook vaak leuk vinden. Als je hem het gevoel geeft, dat hij heel speciaal is, dan gaat hij jou vaak ook speciaal vinden. Als het uiteindelijk uitloopt op wederzijdse liefde, dan is het geluk groot. Maar als het niet lukt, dan doet het ontzettend pijn.

Dit proces van een ander voor je winnen, dat maakt Hosea door. De volgorde is wel wat anders dan normaal. Hosea moest van de Here eerst met Gomer trouwen en pas daarna heeft hij de taak om haar liefde te winnen. Hij moet haar verliefd maken. De bijbel gebruikt daar verschillende woorden voor: vers 1: ik zal haar lokken (= naar mij toe lokken, zorgen dat ze graag bij mij is), haar leiden en vooral: spreken tot haar hart (= dat betekent: die dingen zeggen, die de ander graag hoort. Dingen zeggen die haar verliefd maken, haar het gevoel geven dat ze speciaal is). Vers 18 en 19, daar staat 3 keer: ik zal haar tot bruid werven (= ik probeer verkering met haar te krijgen). Vers 22 noem ik nog. Het hoofdstuk sluit af als een gesprek tussen twee verliefden: gij zijt mijn volk (jij bent van Mij) en zij zegt: mijn God (U bent van mij)!

Hosea beeldt in zijn leven uit de verhouding tussen de Here en het volk. Hij preekt steeds voor de mensen. En zij zien zijn huwelijk. Zij zien zijn opdracht van God om van Gomer te gaan houden en haar voor zich te winnen. Het is als de verhouding tussen de Here en het volk:
- het volk: weggelopen van de Here; bij andere goden hun plezier zoeken; leven in een mentaliteit van 'voor wat, hoort wat'; en
- de Here: is als de man die probeert om zijn vrouw weer verliefd te krijgen op Hem. Zo'n verhouding wil de Here: liefde, een soepele, goede verhouding.

Er zijn twee manieren om overspel te voorkomen. Stel dat een man bang is, dat zijn vrouw vreemd gaat. Dan kan hij twee dingen doen. Hij kan haar altijd vastbinden of opsluiten als hij weg gaat. Dan kan er nooit een andere man bij haar komen. Hij kan het ook anders doen. Hij kan ook zorgen dat hij een goede echtgenoot is. Hij kan er voor zorgen dat zijn vrouw geen behoefte heeft om vreemd te gaan of contact te hebben met een ander. Overspel is alleen een gevaar als de verhouding in je huwelijk niet goed is.
Die tweede manier van doen, dat is de manier van de Here. Hij wil niet een verhouding als een werkgever. Hij dwingt niet om iets voor Hem te doen, Hij schrijft geen werktijden voor. Hij wil echtgenoot zijn, Hij wil een band van liefde. Daar werkt Hij aan, en dat zal Hij bereiken.

De Here wil een volmaakte verhouding. En dat bereikt Hij ook. Maar hoe kan dat? Het volk toen liep steeds bij Hem weg. En stel dat het nu wel lukt om bij de Here te blijven, wil de Here ons dan wel terug hebben. Welke man wil zijn vrouw terug, die al met iedereen geslapen heeft? Kun je dat door de vingers zien? Kun je met zo'n verleden wel opnieuw beginnen?
Nee, de Here ziet niets door de vingers. De Here zegt nooit bij zonde: laat maar. Als de Here onrecht aangedaan is, dan straft Hij dat zeker. De Here probeert zijn vrouw terug te krijgen, maar door gerechtigheid en recht (vers 18). De Here geeft straf aan wie het verdient, al de zonde wordt gestraft. En tegelijk probeert de Here zijn vrouw terug te krijgen door goedertierenheid en ontferming. Hij geeft ons alle liefde die Hij heeft.
Voor de mensen in Israël vroeger een moeilijke tekst: God ziet niets door de vingers en tegelijk laat Hij zijn liefde zien. Wij begrijpen hoe dat kan. Het was de Here Jezus die de volle straf voor de zonde kreeg; Hij betaalde alle schuld. In het Nieuwe Testament heten wij, gelovigen, de reine bruid van de Here. De Here ziet aan ons geen verleden van overspel of zonde. De Here Jezus verdiende dat voor ons. De verhouding tussen de Here en ons is alsof er nooit enige zonde was. Het is een nieuw huwelijk tussen Hem en ons.
Dat wil de Here, daar werkt Hij aan. Die volmaakte verhouding is er nu nog niet. De Here werkt er aan, en wij verlangen daarnaar. Nu nog lopen wij vaak vast, wij gaan nu nog vaak om met de Here als een werkgever. Maar ieder keer als je uit de bijbel leest, iedere preek is een oproep. De Here zegt steeds weer tegen ons: kijk naar mij als je echtgenoot, Ik heb je lief, Ik wil een verhouding van liefde. Ga met mij om in liefde en verlang naar een goede verhouding.

De Here is geen werkgever, maar een echtgenoot. Punt 1 was: zo voelen wij dat niet. Voor ons is leven met liefde moeilijk, wij houden teveel van ons zelf om goed van een ander te kunnen houden. Daarom zijn er veel problemen met relaties. Juist ook in de verhouding met de Here gaat het mis. Wij leven vaak in een verhouding: voor wat, hoort wat. En de Here kent echte liefde: geven zonder dat je iets terugkrijgt.
Punt 2 was: De Here is geen werkgever, maar een echtgenoot. Zo wil de Here het wel. De Here doet er alles aan om zijn vrouw, zijn volk, weer voor Zich te winnen. Hij laat ons zien, dat wij helemaal afhankelijk zijn van Hem en zonder Hem niets kunnen. De Here zelf nam al het werk op Zich om de schuld van de slechte verhouding weg te doen. Dat evangelie horen wij iedere dag en dat helpt ons om de Here lief te hebben.

Nu nog punt 3:

3. De Here is geen werkgever, maar een echtgenoot: zo wordt het ook

Een tijdje geleden liep er een man op het strand. Hij had een tatoeage op zijn arm. Een hartje en daaronder de naam Marianne. Een stukje daaronder weer een hartje, maar nu met de naam Charlotte. Twee vrouwennamen op één mannenarm. Wat betekent dat? Is Marianne zijn vrouw en Charlotte zijn dochter? Dat kan, maar iets anders kan ook, meer waarschijnlijk: Marianne zijn eerste vriendin? Is het uitgegaan en kreeg hij toen Charlotte? En een tatoeage verwijderen, dat is niet makkelijk.
Stel het u voor, Marianne was zijn eerste vriendin, en Charlotte is de tweede vriendin. Hoe is dat, heb je dan steeds de herinnering aan Marianne? Hoe vindt Charlotte het om zijn bovenarm te kussen? Wat denkt zij dan? En als die man 's morgens in de spiegel kijkt, denkt hij weer aan Marianne als hij haar naam ziet? Een tatoeage laat je één keer zetten, als je er spijt van hebt, kun je het er niet afwassen.

Eigenlijk is iedere liefdesrelatie een tatoeage. Wat je samen beleefd hebt, kun je nooit meer afwassen of wegdoen. De eerste keer geslachtgemeenschap, je blijft het je altijd herinneren, hoe dat was en met wie dat was. Eén keer met een andere man of vrouw naar bed, je blijft het onthouden. Alles wat je doet op het gebied van relaties, heeft blijvende invloed op je. Veel dingen die je meemaakt, vormen je en maken je tot de mens wie je bent, maar op het gebied van seksualiteit is dat heel sterk. Dat is ook de reden waarom de Here strikte regels geeft op gebied van seksualiteit. Hij wil ons leven en geluk beschermen. Nu gaat de preek daar niet over, maar dit verhaal was nodig voor de uitleg van de tekst.
Een verleden was je niet af. Het volk is steeds weggelopen, wij doen steeds dingen die de Here niet wil, en de Here wil een verhouding van liefde. Hij werkt daaraan. Maar raken wij ons verleden ooit kwijt? Kan de Here vergeven en vergeten? Kunnen wij het zelf, kunnen wij zonder herinnering aan vroegere tijden en zonde met de Here omgaan? Bij mensen onderling is dat heel moeilijk. Wie kan een vastgelopen huwelijk weer goed maken? Met hulp is er veel mogelijk, maar het kan niet altijd. Wij kunnen het verleden niet uitwissen. Hoe zit dat in de verhouding met de Here? Kan de Here dat wel?
Ja, de Here kan dat. Dat zegt de Here op veel plaatsen in de tekst. Het wordt weer zoals in het begin van het huwelijk, vers 13: de woestijn, zoals bij de uittocht uit Egypte, vers 14. Het volk zal de Here noemen mijn man, niet één van mijn mannen, vers 15. De namen van de andere mannen zullen niet meer genoemd worden, vers 16. Dat betekent: die namen zullen volledig vergeten zijn, niemand zal er meer aan denken. Het verleden is helemaal weg.

Hoe kan zoiets? Bij mensen is dat al niet mogelijk, je neemt altijd je verleden mee, net als een tatoeage. Hoe kan dan de Here zonden vergeven en een verleden van overspel? Hoe kan een God die heilig is ophouden met denken aan de zonde van zijn vrouw?
Dat doet de Here zelf. In vers 14 gaat het over het dal Achor. Een dal vlakbij Jericho, de stad waar het volk Israël het land binnenkwam. Daar had Achan iets gestolen en daarom was het volk niet sterk genoeg meer om het land in te nemen. In dat dal heeft de Here toen Achan gestraft en vanaf dat moment was het verleden van zonde weg. De Here laat zo zichzelf kennen. Hij verandert dat dal van straf in een deur van hoop. Vanuit dit dal Achor werd het nieuwe land Kanaän ingenomen, omdat de Here daar met het verleden had afgerekend.

Zo werkt de Here. De Here draait zaken om. Golgotha is een plaats van straf. De zwaarste straf die ooit een mens kreeg. De Here Jezus kreeg daar de straf voor al onze zonden. En juist die plaats is onze redding. Want de Here Jezus was de bruid, de echte volmaakte echtgenoot van God. Hij had geen slecht verleden, Hij had nooit naar een andere god gekeken. Hij had de Here volmaakt lief, in die verhouding was geen enkele wanklank.
Hij droeg Gods straf voor alle zonde. En Hij deed dat voor ons in de plaats. Zo doet de Here ons slechte verleden weg. Wij zijn volmaakt, omdat Christus ons dat geeft. Zo kijkt de Here naar ons.

De Here zelf maakt op deze manier de verhouding goed. Zover is het nog niet. Nu nog laat de Here ons steeds weten dat Hij echtgenoot wil zijn. Nu nog verlangen wij daar ook naar, maar vallen vaak terug in een houding van werkgever - werknemer. Het lukt ons nog niet om op het niveau van echtgenoot met de Here te leven. Maar het komt wel! Dat staat beschreven in de tekst. De Here zal er zelf voor zorgen. Vertrouw daarop, blijf verlangen, die toekomst komt zeker.
Het staat met mooie woorden beschreven. De Here sluit een verbond met de dieren. Mensen hebben er geen last meer van. Van wilde dieren hebben wij in ons land weinig last. Ze zitten in kooien in de dierentuin. Zo is dat niet in ieder land. Ook vroeger in Israël werden mensen gedood door wilde dieren. Maar ook wij hebben last van dieren. Ongedierte brengen ziekten over, eten wat je te lang bewaart, bederft door bacteriën, vogels eten onze oogst op, in de zomer moet je je insmeren met muggenolie en als je niet uitkijkt wordt je door wespen gestoken. De dieren keren zich tegen ons. Dat gaat de Here veranderen.
De Here zal de aarde verhoren. De aarde roept nu om betere tijden. De aarde heeft last van misoogst, verdroging, oprukkende woestijnen en vervuiling. Er komt een tijd, en dan luistert de Here daarnaar. Dan zijn die problemen opgelost; de Here alleen doet dat. Dan is er overvloed, wijngaarden, vers 14, er is blijdschap op aarde. De Here heeft medelijden, er is oogst, het werk lukt altijd, vers 22. U ziet hier dat Hosea het nieuwe paradijs beschrijft.

Maar het belangrijkste heb ik nog niet genoemd. Het paradijs, dat is niet in de eerste plaats, dat er geen pijn meer is en geen verdriet, en dat ons leven gelukkig is. Nee, het belangrijkste is, dat wij bij de Here zijn. Dat wij de Here 'kennen', vers 19. Dat betekent hier: een liefdesrelatie hebben, graag bij elkaar zijn en het heerlijk vinden dat je er voor de ander bent. Daar loopt het op uit, ook wat in het laatste vers staat, het slot van vers 22: het is als een verliefd paar, dat zegt: jij bent van mij, en ik ben van jou. Gij zijt mijn volk, U bent mijn God!

Mensen die vreselijk verliefd zijn, zeggen: het kan me niet schelen waar jij bent, ik wil bij jou zijn. Ook al hebben wij het arm, wonen wij in een slecht huis en hebben wij nauwelijks geld, dat kan ons niet schelen: als wij maar bij elkaar zijn. Dat is het belangrijkste.
Zo is de relatie met de Here nu nog niet. Het kan ons wel schelen in welke omstandigheden wij leven. Geluk of ongeluk hier op aarde doet ons heel wat. Het niveau van: het enige wat belangrijk is, om bij U te zijn, dat halen wij vaak nog niet.
Maar dat komt wel. Straks is de Here werkelijk de allerbelangrijkste voor ons. En dan zijn de omstandigheden ook goed. Dan is er ook nog geluk en plezier en blijdschap. Straks een huwelijksreis voor eeuwig en wittebrood dat nooit opraakt.

Amen.


Gebed 2

Onze Vader in de hemel,

Wij danken U voor de bijbel.
Er staat veel in.
Wij leren U eruit kennen.
En U bent vaak anders dan wij denken.
U kunt veel meer dan wij denken.
U begrijpt veel meer.
U heeft een veel grotere hekel aan de zonde, dan wij kunnen voorstellen.
En U heeft ons veel meer lief dan wij kunnen denken.
Wij danken U dat U zo bent.
U bent volmaakt, U bent goed en U bent goed voor ons.

Here, help ons om U steeds weer te leren kennen.
Wij maken makkelijk onze eigen gedachten over U.
Wilt U ons helpen om goed met U om te gaan.
Help ons om U lief te hebben en met U om te gaan als een echtgenoot.
Here, U kent ons.
Wij gaan vaak niet goed met U om.
U echt liefhebben is moeilijk voor ons.
Iets doen voor U is makkelijker.
Here, help ons om U lief te hebben.
Geef ons dat wij veel voor U over hebben en dat wij vaak aan U denken.
Geef ons daar de Heilige Geest voor.

Here, wij merken dat liefde voor ons moeilijk is.
U liefhebben is moeilijk, mensen liefhebben is moeilijk.
In de liefde gaat veel mis.
Veel huwelijken gaan niet goed.
Veel mensen zijn getrouwd en in het begin waren zij verliefd.
Maar de liefde werd minder.
Here, help hen.
Soms zijn er periodes van ruzie, elkaar niet begrijpen en afstand.
Wilt U helpen om in die periode met elkaar om te gaan.
Wilt U helpen om met elkaar te praten en elkaar te begrijpen.
Wilt U geven dat de liefde weer terug komt en dat zij weer gelukkig worden met elkaar.

Sommige mensen zijn gescheiden.
Wij bidden U voor hen.
Het is erg als mensen scheiden.
U wilt dat niet, gescheiden mensen willen dat vaak ook niet.
Zij willen elkaar liefhebben, maar het is niet gelukt.
Wilt U voor hen zorgen.
Zij zijn vaak eenzaam, hebben verdriet en willen soms weer terug naar hun echtgenoot.
Zij hebben spijt, zij zien hun fouten vaak.
Wilt U hen helpen.
Geef dat veel gescheiden mensen elkaar weer vinden, wilt U herstel geven.
Zorg voor mensen waar dat niet kan.

Zorg voor kinderen van gescheiden ouders.
Zij hebben het moeilijk.
Zij houden van hun vader en van hun moeder.
En zij willen dat zij bij elkaar wonen.
Geef kracht als zij verdriet hebben.
Geef kracht als vader en moeder weinig aandacht voor hen hebben, omdat zij zelf teveel nadenken en ruzie maken.

Zorg voor mensen met verkering.
Wilt U hen een fijne tijd geven.
Help hen elkaar te leren kennen en steeds meer naar elkaar toe te groeien.
Help hen met elkaar te praten en te bidden en samen te praten over U.
Help hen te praten over seksualiteit en help hen om uw wet te volgen.
Zorg voor mensen die verliefd zijn.
Soms kan een verkering niet.
De ander is niet verliefd, soms passen mensen niet bij elkaar of de ander gelooft niet in U.
Here, dat is moeilijk.
Wilt U kracht geven, wilt U helpen om U te blijven volgen.
Wilt U geluk geven aan hen en hen blij maken met een goede verkering.

Wij bidden U voor homofielen.
Sommige mannen houden van andere mannen,
sommige vrouwen houden van andere vrouwen.
Zij zijn anders dan de meeste mensen.
Dat is moeilijk voor hen.
Vaak durven zij daar niet over te praten.
U geeft ons regels voor liefde en seksualiteit.
Voor hen is dat vaak heel moeilijk om te volgen en vol te houden.
Wilt U hen sterk maken.

Wilt U ons helpen om goed met elkaar om te gaan.
Geef ons dat wij elkaar begrijpen en ondersteunen.
Wilt U ons de Heilige Geest geven.

Hoor ons om Christus' wil.

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar