Gered en vergeven als door vuur heen

Thema: Over de betekenis van Gods verbond met Noach voor onze tijd
Tekst: Genesis 9: 9-11
Tekstgedeelte(n): Genesis 8: 15-22
Genesis 9: 8-17
Door: Ds. Roelof Sietsma (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Grootegast)
Gehouden te: Aduard en Oldehove op 17 augustus 2003
Extra: Inleiding op Gered en vergeven als door vuur heen

Aanwijzingen voor de Liturgie

Votum en zegengroet
Ps. 75: 1, 4
Wet
Ps. 19: 5
Gebed
Lezen: Genesis 8: 15-22; Genesis 9: 8-17
Ps. 104: 8, 4-5, 9
Tekst: Genesis 9: 9-11
Preek
Ps. 91: 1-2
Gebed (dankgebed en voorbeden)
Collecte
Ps. 90: 1, 8
Zegen

Geliefde Gemeente van onze Here, Jezus Christus,

Als het eens een tijd lang erg droog is, zoals in de zomer van 2003, dan staan we er misschien wel iets meer bij stil, dat er grote delen in de wereld zijn waar droogte een probleem is wat regelmatig honger en hongersnoden veroorzaakt.
We denken dan vooral aan Afrika. Daar kan het ook maanden droog zijn, en soms wel jaren.
Voor ons geldt nog dat we voor bijna 100% zeker weten dat er na een periode van droogte spoedig regen komt. Is het niet meer tijdens de zomer, dan is het wel tijdens de herfst of de winter. Maar voor het volgende voorjaar zal de bodem weer genoeg beregend zijn, en zal er weer water in de rivieren stromen. Dat kan in ons klimaat bijna niet anders. Een winterseizoen zonder neerslag is onvoorstelbaar en normaal gesproken onmogelijk.
Maar in delen van Afrika kan er een hele zomer voorbijgaan zonder regen, een paar maanden, en dat is dan normaal voor de zomer. Maar na de zomer hoort de winter te komen: de regentijd. En die komt dan niet. Het blijft droog, maand na maand, en er kan niet worden gezaaid en er groeien geen gewassen.
En dan ontstaan er voedseltekorten. De voorraden raken op. Mensenlevens komen in gevaar. Die angst hebben wij hier in Europa haast nooit, en die hoeven wij ook direct niet te hebben. Bij ons gaat het, als er een periode van droogte is, allereerst om problemen in de bedrijfsvoering, zoals een dreigend energietekort, problemen in de agrarische sector. Geen leuke of gemakkelijke problemen. Er kan ook best wel een bedrijf, of er kunnen wel banen mee gemoeid zijn. Maar toch nog zonder direct levensgevaar.
En daarom is het eigenlijk wel eens goed dat we een langere periode van droogte meemaken.
Zonder de nood op te hemelen.
Maar toch: om ons beter in te kunnen leven in hen voor wie droogte niet alleen maar een economische moeite betekent, maar meer nog een levensbedreigend gevaar!
Niet alleen maar groot verlies, zoals voor tuinders in het Westland. Maar heel concreet: einde van je persoonlijke voedselvoorraad! Levensbedreiging voor je vrouw en kinderen of voor je broertjes en zusjes, in het geval dat je je ouders al hebt moeten afstaan vanwege een oorlog of een epidemie.
Dat bestaat in onze wereld, ook vandaag. Goed daar eens bij stil te staan.
Misschien een beetje meer vanwege een warme, hete zomer: 2003.
Want in de zomer van 2003 is het droog in Europa. Vreselijk droog. Eerst was het ook erg warm, maar later werd het, gelukkig, zeggen we, wat koeler, maar de regen bleef maar uit. Het niveau van het oppervlaktewater daalde, de rivieren werden steeds leger, en uiteindelijk moest op een gegeven moment zelfs zout zeewater in de rivieren worden binnengelaten om het grondwaterpeil niet te veel te laten zakken. En het leek er maar steeds niet op dat het zou gaan regenen. Dag na dag. Week na week.
In Nederland was het nog niet eens het ergste, in heel Europa was het al lang warm en droog.
In veel Zuid-Europese landen, zoals Spanje, Portugal en Italië was het al langer droog en warm dan in Nederland. Daar was de laatste regen in mei gevallen, en toen duurde het tot augustus, en toen had het nog steeds niet geregend! En de gevolgen daarvan waren de vele bosbranden, waar je bijna dagelijks op 't journaal van kon horen.
Op zich is het dus wel eens goed voor ons inlevingsvermogen, zo'n situatie. Hoewel we ook de nood peilen. We weten allemaal dat we naast zon ook regen nodig hebben, en naast warmte ook afkoeling op z'n tijd. Daar mogen we de Here ook om bidden.

Tegelijk mogen we ook een zeker vertrouwen hebben, dat er altijd regen zal zijn, regen na droogte, en evenzo zon na tijden van regen en bewolking. Dat is gegrond op het gedeelte dat we gelezen hebben uit Genesis 8: God heeft gezegd: Ik zal de aarde niet weer vervloeken om de mens, omdat hij slechte dingen uitdenkt en doet. Maar al deze dingen: koude en warmte, regen en zon, zaaien en oogsten zullen steeds doorgaan. Die belofte is een terechte grond waarop wij vertrouwen baseren. God heeft dat ook altijd getoond: na droogte komt er wel weer regen. Het kan wel eens wat lang duren, en in Afrika ook nog wel langer dan in West-Europa, maar uiteindelijk komt het.
Dat is het ook wat je hoort in de reportages over droogte, ook in Afrika: de oogst komt wel, het heeft alweer geregend, alleen moeten we nog enige tijd overbruggen tot die nieuwe oogst klaar is. En tot die tijd moeten wij onze naaste helpen. Liefde tonen.

We hebben gelezen uit Genesis 8, waarin God belooft dat het leven op aarde voortaan zal doorgaan, maar ook uit Genesis 9, namelijk vers 8-17.
Daar lezen we dat God een verbond sluit met Noach.
Een verbond. Bij dat woord verbond denken we heel vaak als vanzelf aan Abraham.
Als er iemand gedoopt wordt, dan horen we ervan door het doopsformulier: door de doop wordt een kind ingelijfd in het Verbond, de doop is het teken daarvan. We zingen dan heel vaak Ps. 105: 5: het verbond met Abraham, zijn vriend, dat bevestigt Hij. Van kind tot kind. Dat is het Verbond, zoals we er vaak op het eerste moment aan denken.
Maar er is in de Bijbel zo veel vaker sprake van een Verbond. Door Mozes sloot God ook een Verbond met het volk Israël, dat was ook een Verbond. De Wet, die we elke zondag horen, is het Verbondsdocument van God voor zijn volk.
En Jezus Christus spreekt ook vlak voor zijn sterven van het Nieuwe Verbond, dat Hij heeft met zijn volgelingen: het Nieuwe Verbond in mijn bloed, en daarvan is ons tweede sacrament, het Avondmaal het teken.
Maar ook hier, vandaag, als we lezen over Noach, noemt de Bijbel dat: een Verbond.
God noemt het een Verbond. Het is ook een heel bekende geschiedenis.
Wij hebben er misschien allemaal al wel eens van gehoord. De kinderen kennen die geschiedenis denk ik ook: over de regenboog. Gods verbond met Noach. Dat gebeurde vlak na de grootste watervloed ooit: een vloed die heel de wereld bedekt had. En dan belooft God dat de aarde nooit meer door een watervloed zal vergaan.
Deze belofte lijkt heel veel op die belofte die we net al noemden: al die dingen: zon én regen, zaaien én oogsten, zullen blijven doorgaan op aarde.
Dat was die eerdere belofte. Uit hoofdstuk 8.
Hier in hoofdstuk 9, in onze tekst, noemt God daar heel speciaal bij: nooit zal er meer een zondvloed komen om het leven van de aarde helemaal weg te vagen.
Dat is de speciale belofte, en als je de regenboog ziet, als de zon door de regen heen schijnt, dan mag je het weten, en vertrouwen, en blij geloven: gelukkig, de hele aarde zal niet helemaal vergaan door een zondvloed! God zal zijn verbond gedenken. Het Verbond tussen God en álle levende wezens.

Maar er zijn dus meerdere verbonden, kun je zeggen. God had ook al eerder een speciaal verbond met Noach gesloten, vóór de zondvloed. In hoofdstuk 6: 18 kunnen we daarvan lezen. Dat was vooral de belofte dat Noach en de zijnen en de dieren, alle soorten, de zondvloed zouden overleven.
En terwijl er zoveel verbonden zijn van God met de mensen en zijn kinderen, mag je toch ook zeggen dat er één Verbond is van God met de mensen.
God had de mensen gemaakt en ging toen al een verbond met hen aan, een relatie. En Hij zocht die mensen opnieuw op na de val in het kwaad. En Hij beloofde aan die gevallen mensen: verlossing. En een Verlosser. En Hij geeft die Verlosser aan zijn uitverkoren kinderen. Dat hoort allemaal bij één eeuwig Verbond, dat Hij begonnen is, bij de eerste mensen, en dat Hij helemaal af gaat maken, tot de wederkomst en tot in de eeuwigheid daarna. Dat hoort allemaal bij het éne grote verbond.
Tegelijk kent dat verbond heel veel vormen, heel veel beloften, al naar gelang de tijd en de mensen die God in het kader van zijn Verbond aanspreekt, en de situatie waarin Hij hen aanspreekt. Die beloften worden niet ongeldig als die situatie of die tijd verandert, maar ze moeten wel begrepen worden vanuit hun tijd waarin ze zijn gegeven door God.
En daarom heeft de belofte aan Noach en zijn nageslacht, de belofte aan alle levende wezens, ook ons nog heel wat te zeggen. Die belofte hoort bij het verbond.
En het verbond dat is niet alleen Abraham, en de beloften aan hem gedaan, maar bij het verbond hoort ook dat wij God nog steeds mogen loven als na regen zonneschijn komt, en de boog in de wolken staat: teken van Gods trouw!
Dat mag u en jullie allen tot troost en bemoediging zijn, als het eens heel lang regent.
Want ook dan kun je er wel eens bang van worden: weilanden gaan blank staan, de aardappels verrotten, de zon laat zich weken lang niet zien, en het regent maar en het regent maar.
En dan mag je weten: ja, het is wel erg, het is wel een ramp, deze regens, maar we komen er door. God heeft het beloofd: de aarde zal niet weer ten onder gaan door een zondvloed!
Het kan wel eens heel erg zijn. Denk maar aan 1953: honderden doden in Zeeland.
Een watersnoodramp die de grootse Deltawerken uitlokten.
En wat zijn er niet vaak overstromingen in de wereld: in Aziatische landen zoals Bangladesh, en in Zuid-Amerika. Vreselijk, veel doden en nog veel meer daklozen.
Maar toch mogen de mensen dan moedig verdergaan, en wij mogen gemotiveerd hulp bieden. Het is niet het einde van de wereld, want God heeft het beloofd: niet heel de wereld zal opnieuw vergaan door water.
Dat is de belofte van Genesis 8-9.
En we wachten tot het water zakt, en we sturen hulp en de mensen begraven hun doden en hernemen hun leven: nieuwe huizen worden gebouwd en het leven gaat door.

Maar nu een andere vraag: als het dan zo lang droog is, en zo warm, denkt u dan ook wel eens bij zichzelf: en zou de aarde dan wel door hitte en droogte kunnen vergaan?
Want de aarde werd zeer getroffen en geraakt door de zomer van 2003.
Misschien hebt u het opgemerkt en opgepikt uit het nieuws, dat de grootste en machtigste bergen in Europa, in de Alpen, zo opgewarmd werden door de zon, dat enorme gebieden, waar normaal eeuwige sneeuw ligt, dus die altijd bevroren blijven, nu ontdooien en ook beginnen te rommelen. Hoge bergen, die vast liggen omdat ze altijd bevroren zijn, raken nu ontdooid, en stenen en bakken vol zand en klei beginnen naar beneden te vallen. Op sommige plaatsen mochten toeristen de bergen niet meer beklimmen en er niet meer wandelen.
Het was te gevaarlijk wegens vallende stenen.
In gedeelten van Zuid-Europa werd gesteld: wij horen niet meer bij de subtropen, maar bij de tropen! Een omslag in het klimaat.
En wat te denken van andere zorgen die we al langer hebben, zoals het broeikaseffect: het opwarmen van de aarde?
En het gat in de ozonlaag, waardoor mensen minder beschermd zijn tegen de zon. Hoe zit dat nu? Kunnen we dan ook vertrouwen op God? Kunnen we met die zorg heel concreet naar de Here toe, en geeft Hij dan antwoord? Is er een verbondsbelofte, heeft Hij ook beloofd misschien dat de aarde nooit door droogte of warmte zal vergaan? Zoals de aarde ook nooit door een zondvloed zal vergaan?

Nu, de vraag stellen is al bijna haar beantwoorden.
We kunnen wel zeker op God vertrouwen. Maar ook juist hierin dat we geloven dat de aarde wél zal vergaan door vuur.
Hoe dat vuur er precies uit zal zien weet geen mens.
Het zou het vuur van bosbranden kunnen zijn. Het kan ook de hitte van de zon zijn.
We weten het niet precies.
Maar dat de aarde door vuur zal vergaan weten we uit verschillende plaatsen in het Woord van God.
Ik noem ten eerste 2 Petrus 3: 6-7 en 2 Petrus 3: 10. Daar staat dat de oude wereld eens vergaan is door het water, maar dat de huidige wereld, de wereld van nu, als een soort schat bewaard wordt voor het vuur van het oordeel. Petrus legt de zondvloed en de toekomstige ondergang van de aarde naast elkaar. De aarde en ook hemellichamen zullen door vuur vergaan, en God zal een nieuwe aarde en hemel maken.
We begrijpen dat God zijn uitverkorenen zal redden van die aarde, want Christus komt terug, en allen die in Hem geloven zullen Hem tegemoet gaan.
Maar wie Hem niet willen kennen, die zullen in het vuur achterblijven dat de aarde zal verbranden, zo spreekt de Bijbel. Dat is een ernstige boodschap, en ook voor ons een reden tot nadenken.
Dat vuur is ook een louterend vuur: alles zal aan het licht komen.
Alles zal bekend worden, ook de verborgen dingen.
In die zin spreken zowel Petrus als Paulus in het Nieuwe Testament.
Ook in Openbaringen, het laatste bijbelboek, wordt ons de gang van zaken zo voorgesteld. Openbaring 16: 9 spreekt van een verzengend vuur, de vierde van zeven plagen, die de mensen doet kermen en zelfs God lasteren. Zo erg is de hitte.
Maar die hitte leidt niet tot bekering. En dan in Openbaring 18, waar de val van Babylon wordt beschreven, de val van de godloze menselijke gemeenschap, staat het nog eens: drie keer: die val zal gepaard gaan met vuur en verbranding, en haar rook zal gezien worden.

Al deze profetieën, broeders en zusters, wijzen erop dat aan het einde der tijden, als Christus terugkomt, er geen sprake zal zijn van het vergaan van de aarde door een watervloed.
Zoals de Here ook beloofd heeft, dat Hij dat niet meer zal doen.
Maar dat droogte en vuur wel degelijk horen bij het eindoordeel van God over een godloze wereld. Daarom mogen droogte en vuur, maar ook een gat in de ozonlaag en opwarming van de aarde ons best aan het denken zetten. We mogen ze best beschouwen als tekenen dat de grote dag van de Here in aantocht is. De heerlijke dag voor al zijn kinderen die naar Hem verlangen, maar ook een verschrikkelijke dag voor wie van Hem niet willen weten, en Hem niet willen erkennen als Redder en Verlosser.
En dan is de geschiedenis van Noach, en Gods Verbond met Noach en zijn nageslacht ons toch tot troost en steun.
Want ook daaruit mogen we lezen wat God belooft en hoe Hij zijn beloften nakomt.
Hij vervult die. Hij heeft het waargemaakt. Nooit heeft een vloed de aarde verdelgd.
Zo zal Hij het ook waarmaken dat ieder die gelooft en de Naam van de Here aanroept, behouden zal worden. Hoe groot het gat in de ozonlaag ook wordt. Hoe groot de ramp en moeite ook zal worden. Overigens door onze schuld, door onze zonde, door onze milieuvervuiling.
Maar de Here zal zijn kinderen redden en behouden. Hoeveel bosbranden er ook nog zullen zijn, hoeveel natuur en cultuur er ook verloren zal gaan: de Here zal zijn kinderen beschermen en uitredding geven uit de nood, voordat het moment van oordeel en totale verbranding van heel de wereld aanbreekt.

Maar laten we dan ook een ander woord van de Here Jezus goed tot ons doordringen. Want het is zo gevaarlijk en verleidelijk om te verslappen, in deze wereld, in onze welvaart, onder onze Europese zegeningen.
Dit Woord dat Jezus sprak: 'vele eersten zullen de laatsten zijn, en vele laatsten de eersten'.

We hebben de droogte in Afrika al genoemd.
Ondanks die droogte, die vaak veel erger is dan wanneer een droogte Europa treft, zoals in de zomer van 2003, bekeren velen zich daar tot Christus. Het staat regelmatig in de krant: het christendom in Afrika heeft toekomst, het aantal christenen daar groeit.
De nood en de droogte is geen belemmering om te geloven, maar juist een aansporing.
Terwijl de westerse, postmoderne mens zegt: Als er een God is, waarom laat Hij dit dan toe: droogte en honger in Afrika, en ergens anders overstromingen; zeggen velen in Afrika: kom, laten we ons tot de Here bekeren, want wij hebben dit wel verdiend door onze zonde, maar als we geloven in Christus, zal Hij ons genadig zijn, en ons redden van de ondergang.
Vele laatsten zullen de eersten zijn, en voorop komen te staan om het Koninkrijk in te gaan.
Gemeente, laten wij dan zorgen niet tot diegenen te behoren die van eersten tot allerlaatsten worden. Laten ook wij bidden tot God en geloven in Hem, en in Jezus Christus, onze Verlosser, dat ook Hij ons genadig zal zijn. Nu, in perioden van droogte, of misschien ook overmatige regenval. Maar ook in de toekomst, als de aarde misschien nog meer opwarmt, en het klimaat nog meer verandert, en Europa nog meer tropisch wordt.
Och, wat doet het er dan nog toe?
Als we maar van Christus zijn, en Hij in ons woont.
Dan zijn we veilig, ook als vuur deze aarde uiteindelijk gaat verteren.
Veilig bij onze enige Verlosser en Redder: Jezus Christus, die dan ook al onze zonden wegdoet als door een vuur.
Vergeven en gered, als door vuur heen.
Dat is de belofte, namelijk voor wie in Hem gelooft.

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar