De Heidelbergse Catechismus (NL)

Vraag 99: Wat eist God in het derde gebod?
Antwoord Dat wij Gods naam niet lasteren of misbruiken door vloeken1 of door een valse eed2 en evenmin door onnodig zweren3.
Verder dat wij ons ook niet door zwijgen of toelaten aan zulke gruwelijke zonden mee schuldig maken4.
Kortom, dat wij de heilige naam van God alleen met ontzag en eerbied gebruiken5, zodat Hij door ons naar waarheid beleden6 en aangeroepen7 en in al onze woorden en werken geprezen wordt8.